is toegevoegd aan uw favorieten.

Brieven van Charlotte aen eene vriendin, gedurende haren omgang met Werther.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( »s)

tende herinnering de laetfte welleevende vriendelijkheid was, welke hij mij. als minnaer, konde bewijzen, zoo mogt ik hem dit genoegen niet weigeren.

Hoe blijde was ik. dat ik, bij deze gelegenheid, eenen wensch konde doen, dien ik reeds lang in mijn hart gedragen, en nimmer voegzaem genoeg had kunnen uiten !

Goed, mijn lieve Vriend '. zeide ik,

ik verzoek iets van u, en wel iets zeer gewigtigs. En wat is dat? vraegde hij met ongeduld; want hij zag, dat ik zeer aengedaen was , wat is het? mijne engelagtige Charlotte !

Dat wij , bij ons geluk , de ellende niet vergeten, was mijn andwoord. Gij weet niet, • lieve Albert! en zelfs mijn vader weet niet, dat ik, naest God, de eenige fteun van den armen, ongelukkigen, onfchuldigen Hendrik

ben. En al ware hij ons geheel vreemd •

en alle weldaed onwaerdig , zeide Albert, zoude ik uwe goedhartigheid gebillijkt hebben, edelst Schepfel! maer nu , daer hij de arme jongeling is, wien de liefde voor mijne Chailotte in dezen beklaeglijken toeftand geil 2 dom-