Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

so OOSTERSCHB

erkentenis voor tdezen liefdedienst te^,bewezen. „

Ahmed floeg Weinig agt op de beloften van den Aap, en wierp het touw fchielijk weder in den kuil, om den man daar uit te trekken. Het touw werd nu veel zwaarder dan de eerftemaal, en hij verheugde zig reeds, den armen ongelukkigen te zien, wanneer de ruige maanen, de tanden en klaauwen van eenen Leeuw zigtbaar werden. De Koopman verfchrikte, en had bijna het touw losgelaten ; maar de Leeuw riep hem vriendelijk toe: „ vrees niet, en trek mij 'er geheel uit; gij verkrijgt u eenen vriend aah mij, dien gij niet ver'agten moet. Ik heb fterkte genoeg, om uw leven uit een gevaar te redden, en aal u zeker meer goeds voor uwe weldaad bewijzen, dan dien trouwloze mensch, die beneden in den kuil ligt. „ De Koopman kreeg door dit zeggen moed, en trok den Leeuw geheel op. „ Vriend, zeide de Koning der dieren tot hem, mijn hol is in dit bosch; ik hoop u weder te aien, en voor mijne verlosfing dank te bewijzen. „ De Leeuw ging voort, en de Koopman wierp op de herhaalde bede van den beneden liggenden , zijn touw ten derdemaal naar beneden; maar eer hij nog begon te trekken , zo flingerde zig een Hang om het touw. „ Is dan al het ongedierte van de aarde in dit hol verborgen?,, riep hij vol toorn uit; maar de Slang viel 'er tusfchen in, en zeide: zijt niet toornig: dat gij mij gered hebt; ik zal u uwe weldaad door een vriendelijk onderrigt vergelden, dat u zeer nuttig kan

T . w°i'

Sluiten