Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 6 )

was thans fpreker. Het onderwerp dat hij had uitgekozen, was Lucas II. de 20 eerfte verfen, {trekkende om de menfchen de komst van j e s u s ia het vleesch, zijne geboorte, voortehouden. Na het gebed, en na het een en ander aangaande die feest (w*nt het was juist Kerschfeest) aangemerkt te hebben; ging de fpreker over, om het gefchiedverhaal bij wijze van omfchrijving nog eens natelezen, ten einde het voor zijne hoorers in alles verftaanbaar te maaken. Wijslijk liet de fpreker het een en ander, (als verfchillen en gisfingen, die de uitleggers over dit gedeelte van het gefchiedverhaal hebben,) wijslijk zeg ik, liet hij dit voor zijne toehoorers mingefchikte weg. Na deze korte omfchrijving van den text, hield de fpreker zich bezig met het maken van eenige toepasfelijke aanmerkingen, gefchikt om hun het nut van jesus komst in de waereld voor arme menfchen aantetoonen.

Het fcheen mij toe, dat deze fpreker tot dien post vrij wel gefchikt was. En zijn werk behaagde mij, over het geheel genomen, (niettegenftaande eenige weinige aanmerkingen) heel goed. Zijne taai was niet eeuvoudig en arm genoeg, voor menfchen die zeer onvatbaar, en niet gewoon zijn om te denken, en wier aandacht moeilijk gaande te houden is. Hier en daar had hij veel eenvoudiger en meer populair zich kunnen uitdrukken. Hij veronderftelde te veel kunde in zijne toehoorers. Het bezigen van figuurlijke uitdrukkingen, als het gerommel van Gods ingewand (Jef. 63: i5b.) en meer anderen, waren voor zijne toehorers geheel onge-

fchikt,

Sluiten