Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GROÖ T-WAR AD IN. 22l

aanzien, en glimlachte, en gaf door haafe fmeltende oogen te kennen, dat zij de tegenwoordigheid van den god der liefde, en haare eigen broosheid gevoelde. Oh! che boccone!(dy welk een verfchil met die in de andere baden ! Hier moest ik zeggen: Mammae hemis— phericie prominente* firmae dthtte rofeae — Ohl che boccone! — Waarom hebt Gij , goede Voorzienigheid ! zoo menigwerf zulk een groot verfchil gemaakt tusfchen onzen pligt en onze wenfchen, en zoo veele voormuuren gefteld, om ons aftehouden van het klein geluk, dat wij zien, dikwijls het eenige, dat wij verwachten kunnen, en het eenige, dat wenfchenswaardig is ? Zijn deze de terughoudingen van uwe allesbeheerende zorg, of zijn het de berokkeningen van uwe ontaarte kinderen, welke, fchoon Gij gewillig zijt om hen door het leeven te leiden langs het pad van vermaak,' even als droefgeestige Fakirs O) , dat van flrengheid en nutlooze kwelling verkiezen? Als dit waar is, dat dan een wijsgeer onder,

ons

<y_d) O we'k een mondjen!

(<?) Fakirs zijn eene foirt van bedelmonniken onder de Mahomedaanent die van alle genoegens affiand gedaan hebben. V.

Sluiten