is toegevoegd aan je favorieten.

De nieuwe hervorming onder de doopsgezinden, volgens het uitlegkundig woordenboek van den heer Hesselink.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C ï79 )

,y den haat en afkeer, welke God van de zonde „ heeft, om hem hier door tot waar berouw „ en heiligheid des leevens op te leiden. Men „ kan hier uit van zelfs afleiden, met hoe veel „ gepastheid de dood des Heilands, welke hy, „ wegens de zonden desjnenfchenonderging,een „ Offerande genaamd wordt Eph. V. 2."

Indien wy deeze Uitlegging wel verftaan, dan komt zy op deeze Hellingen uit: — God heefe eenen haat en afkeer van de zonde: — de menfchen hebben door hunne overtreedinge ftraf verdient: — de dood van christus is een aller

krachtigst zinnebeeld van die ftraf: het oog*

merk van den dood van christus was, cm derj zondigen mensch te doen begrypen, den haat ej& afkeer, welke God van de zonde heeft, en hun hier door tot waar berouw en heiligheid des leevens op te leiden.

Dan hier by moet ik vraagen: waarom heeft jesus juist zich moeten overgeeven tot zulk een offerande? Zou God zynen haat en afkeer van de zonde den mensch niet hebben kunnen doen begrypen op eene andere wyze, dan dat juist, om die reden, de heiligfte en lofwaardigfte mensch, die nimmer iets tegen God of mensch misdreeven had, van dien Godlyken haat en afkeer van de zonde zulk eene verfchriklyke ondervindinge hadt? Was de Zondvloed, de verdelging van Sodom en Gomor-

ra daar toe niet veel beeter gefchikt?

Ma Ja