Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

492

H O OG -GLANZIGE OF

n.

Aïdebl. VU-

Hoofdstuk.Jlyamntk

Verfëhil lende Kleur.

00 Boor de Gemmis, Libjt- Cap. 30.

fmolten, die de hardheid behouden, doch de Kleur en djorfchyncndheid verlooren hadt. Met Borax fmelten zy tot een helder wit Glas; • zo dat derzelver Kleur ook eer aan een vluggen Mineraalen Damp , dan aan vaste Yzerdeelen, die zig dan insgelyks openbaaren zouden, is toe te fchryven. ■ Van ouds waren reeds vierderley Hyacinthen bekend (»). Hedendaags telt men niet minder Verfcheidenheden , die min of meer afwyken van de Hoofdkleur. De Scharlakenroods^ in 't Franfch Jacinthe la belle getyteld, wordt fomtyds met de Robynen verward, en hier van kan het komen , dat fommigen aanmerken , hoe deeze alleen zyne Kleur in 't Vuur behoudt. Hy is , zonder twyfel, de fchoonfte, Vuurigfte en zeldzaamfte; wordende ook wel Robyn-Spinell geheten.De Oranjeof Safraankleurlge is- de gemeenfte , en deeze wordt Kaneelfteen genoemd. Hy heeft een by. zonder aangenaame Kleur,doch valt zo Vuurig niet als de voorgaande. De Citroenkleurige of helder geele kunnen naauwlyks van de Topaazen onderfcheiden worden, dan insgelyks door den minderen Glans. De Barnfteenkleurige en Honigverwige zyn in weinig achting. Sommigen willen , dat 'er ook bonte zouden zyn, wit en geel; doch anderen ftellen vast,

dat

Sluiten