is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaaring van den brief aan de Hebreen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

48 verklaring van den brief aan

„ hemelen :" gelijk, vervolgends, van Hem getuigd wordt.

Trouwens, hij komt hier voor, als Gods gezant; en was, om, als de Godmensch zulks te zijn, naar zijne menfchelijke natuur, met de gaven van den H. Geest, op eene gantsch overvloedige wijze, voorzien. In het Pro-

feetisch woord was dit vooripeld (g),

bij zijne plegtige inhuldiging zag men dat vervuld Qi)., Dus bekwaam gemaakt, fprak hij tot menfchen, in den naam van zijnen Vader , met Godlijk gezag. Hierom zeide hij: Mijne leere is de mijne niet, maar des genen, die mij gezonden heeft, Joüxn. VII: 16. en niet min duidelijk: JoSnn. XIV: 24. Het woord, dat gijlieden hoort, is het mijne niet, maar des Vaders, die mij gezonden heeft.

De reden nu, waarom Hij, fchoon zelve, met den Vader, waarachtig God zijnde, echter als Middelaar, door den Geest, in den naam zijns Vaders, tot menfchen fprak, is, uit den inhoud zijner prediking (y), niet

moei-

Oj) Jes. xi. lxi.

(ft) M/ytth. iii: 17.

(/') Dezelve was: het Euangelie der vervulling de

komfte van Gods koningrijk het genadig welbehagen

des Vaders, om zondaaren te behouden zijn hoog bevel, om, door geloof in den Zoon, Hem te verheerlijken enz.