Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

104 VERKLARING VAN DEN BRIEF AAN

den alle de eerstgeborenen van mensch en van vee gedood (*)•

Hier bij moest, ter zelfdertijd, nog iets, dat voor de Egyptenaren allerontzaglijkst was,

gerV) Men onderzoekt hier, of de Heere, in dit geduchte werk, den dienst van eenen Engel gebruikt hebbe? Te voren hebben wij, hier van, iets gezegd, 't Kan zijn, dat één of meer Engelen, (en wasröm dan geen goede Engelen?) het doodvonnis, over de eerstgeborenen der Egyptenaren, geveld, hebben uitgevoerd. Maar, wil men door den verderver, bij Moses, Exod. XII. en van Paulus te dezer plaats gemeld, de verdervende plage, of wel den dood zeiven verdaan, ook daar voor kan het

een en ander gezegd worden. Verder onderzoekt

men, door welk een toeval de eerstgeborenen der Egyptenaren , in dien akeligèn nacht, het leven verloren hebben! De gewijde gefchiedenis meldt zulks niet. Sommigen hebben aan de pestziekte gedacht, anderen aan eene keelontfteking, of hartvang. Niets valt hier met zekerheid te bepalen. Alleen kan men zeggen, dat de plaag, welke God hun toezond, juist geen piotslijken dood zal veroorzaakt hebben; zoo dat de eerstgeborenen, in den flaap, oogenbliklijk het leven verloren. Zo dit het geval ware geweest, dan zou men, over het algemeen, eerst in den morgenlfond, de gevolgen van die geduchte Ifrafoefening ontdekt hebben. Maar de algemeene beroering in het midden van den nacht, verpligt ons te denken, dat die ongelukkige niet, dan na voorafgaande fmerten, en benaauwdheden, (die hen deden roepen en kermen, zoo dat de flapende huisgenooten daar van wakker zijn feworden) den laatlten adem hebben uitgeblazen.

Sluiten