Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5o4 VERGELYKIXG tusschen

gaans de mannen in vuur en vlam zet, en hen van hartfeer en minyver doet kwynen • terwyl de eerstgemelde eene zekere onnozelheid en fchaamte influit, welke , het huwelyk tot eenen dekmantel gebruikende het verdriet over dien afftand aan den dae leide. 5 Daar en boven heeft numa de Jonge Dogters naauwer in bedwang gehouden, en gezorgd, dat zy zich overeenkomftig de vrouwelyke eerbaarheid gedroegen, lycurqus daarentegen liet haar tot zodanige losbandigheid vervallen, dat zy de fpotternyen der Digters niet konden ontgaan, welke haar dan eens Phanomeriden noemen , dat is, „ welke met ontbloote dyè'n gaan;" zo als zy by ibycus (V) voorkomen ; dan eens Andromanen dat is Manzieken, of verzot op de mans. euripides zegt 'er van:

„ Zy Ioopen 't huis uit, en het jonge manvolk na, „ Mee losfe Wedren, die de naaktheid niet bedekken."

In de daad waren de klederen der jonge dogters aan de zyden van onder geheel los,

zo

(?) om» van Rhegium, thans Reggio, ail-omltig, heeft zich , ten tyde van den Dwingeland polycp.a-' tb, op het eiland Samos opgehouden , en zich raèer door fraaie Verzen, dan door fraaie Zeden, beroemd gemaakt.

Sluiten