Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GEWEETENSDWANG.

VV ie kan Geweetensdwang, die telg der trotschcid maaien,

Die pest, door 't bijgeloof en domheid opgevoed ? Wie durft tot bij haar wieg, in 't diepst des afgronds daalen ,

Waar menschlijkheid verfmoort in helfchen fulferglocd ? Geen wonder! dat de kroon aan de Yftroom opgehangen

Nog om den fchedel van geenNcörlandsch Dichter pronkt; Geen wreede dwang vleit zich in ced'le vrijheids zangen ,

Schoon 't heilig ijvervuur in 's Dichters hart ontvonkt. Dan fiere Zangers ! die uw Godgewijde klanken

Huwt aan de citers, die de juichende Eng'len flaan! Komt! daar wij vrij en blij God voor ons heillot danken,

Komt! heften wij tot eer der vrije Godsdienst aan! Hoe rijst haar hemelsch fchoon bij zwarte fchaduwtrekken l

Hoe draalt haar luister bij 't affchuwlijkst monster af! O! Dat mijn zwaVke toon tot eeuw'gen roem moog ftrekken

Van hem, die aan mijn geest een vrije denkkragt gaf!

Mijn

Sluiten