is toegevoegd aan uw favorieten.

Geschiedenis van de godsdienstige gevoelens der eerste christenen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

432 Brief aan de Romeinen.

Elk Hoofddeel, dat ik afhandelen moet, zal op beide ftukken moeten letten. Ik zal my te gelyk, gefiadig, op 't voorafgaand eerfte Deel, en inzonderheid op de gevolgen moeten beroepen, die ik, daar , uit de verzamelde berichten heb getrokken. Doch wilde ik my zeiven niet vooruit'loopen, zo moeft ik, hier, veele dingen onaangeroerd laaten,

die vervolgens zullen gezegd worden: ook zal

dit Deel niet meer doen, dan den Kenner alleen een' wenk geeven, hoe ik de zaak befchouwe. Draage ik flegts eenigzins de goedkeuring der kenners weg; dan zal ik my genoeg beloond vinden; even als ik van hunne gegronde berispingen een goed gebruik zal maaken. Ten minften zullen deze beide deelen de grondflag worden voor de volgende onderzoekingen.

I. HOOFDSTUK.

Brief aan de Romeinen.

Onder alle brieven van Paulus is deze wel de gewigtigfte; hy geeft ons 't duidelykft verflag zoo wel van deszelfs Godsdienft-ftelzel, als van den toeftand der toenmaalige tyden. En dit is de rede , waarom deze brief voor de aller zwaarfte wierdt gehouden. Doch alle deze duifterheid zoude verdwynen, wanneer men met de Hiftorie naauwkeuriger geraadpleegd had. Ik zal het waagen, de Hiftorie der Godsdienft-gevoelens van de Stad Rome te ontwerpen, en 'er het noodige by te voegen, om het in een helder daglicht te ftellen.

Dst