is toegevoegd aan uw favorieten.

Proef eener elektrische natuurkunde.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

%\ 7i |$

is in Philadelphia gedaan in 1752 (*). Wij zulles verfcheiden proevondervindingcn opgeeven, die geene twijfFeling zullen overlaaten aangaande de waarheid van dit verfchijnzel.

triek lichaam, met even dezelvde zelvllandigheid gewreeven, nu tekens van deze, dan van de andere elektriciteit oplevert.—. De oppervlakte, onderfcheiden graad van droogte, warmte en wrijving werken hier allen in te zamen. In het algemeen merkt de Heer cavallo hier omtrent aan :

1. Dat, voor zo ver men uit de tot dus verre genoomen proeven befluiten kan, wanneer verfchillcnde Itoffen tegen malkanderen gewreeven worden, die, welker elektrieke kragt de fterkfle is, doorgaands de ftellige, en de andere de ontkennende elektriciteit fchijnt te verkrijgen.

2. Dat, wanneer twee lichaamen tegen malkanderen worden gewreven, welker oppervlakten in gladheid of ruwheid verfehillen , het gladfte de ftellige, het ruüwfte da ©ntkennende elektriciteit verkrijgt.

3. Dat dikwijls deze twee genoemde hoedanigheden moeten in aanmerking komen; want, wanneer-de ftof van beiden de lichaamen niet dezelfde is, gelijk in glad en mat glas, witte en zwarte zijde, enz. zo zijn zij gemeenlijk in beiderlei opzicht onderfcheiden, dat is, zij hebben niet dezelfde elektrieke kragt, en te gelijk verfehillen ook hunne oppervlakten in gladheid. Eindelijk

4. Dat, in geval twee elektrieke lichaamen, die malkanderen in allen opzichten gelijk zijn , het eene tegens het andere, gewreeven worden, dat geen, 't welk de fterkfte wrijving ondergaat, de ontkennende, het andere in tegendeel de ftellige elektriciteit zal ontvangen, bl. 24 en 25.

(*) franklin expct: fur FèleEt. Urn. II. pag. 155. E 4