Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— «| 222 |p

alleen, om dat de nachten, in den herfst en win>» ter, langer zijn: maar ook om dat de langduurigef tegenwoordigheid der zon, in den zomer, den bevroozen ijskorst in de poolftreeken kan week, en. tot geleider maaken?

5. Den dampkring in de poolftreeken door de ftrenge koude, aldaar heerfchende, dikker geworden, en de dampen, waar mede hij belaaden is, bevroozen zijnde, kan dan niet het een of ander groot elekrriek licht, geduurende den nacht dezen dampkring eenigermaate zichbaar maaken voor dezulken, die op een zekeren afftand van het aspunt woo-

nen? En moet in dit geval, offchoon dees

dampkring in de daad een volkomen cirkel is, zich tot een zekere breedte rondom het aspunt ukftrekkende, dan evenwel niet in het oog der aanfchouweren, welken zodanig geplaatst zijn, dat zij flegts een gedeelte daar van zien kunnen,de gedaante hebben van een cirkelftuk (figmentwn)? -— Enmoet hij niet, wanneer de pees Qchorda) zich beneden den gezichteinder verbergt, en de boog boveö denzelven meer of min verheven is, naar evenreedigheid van de breedte, op welke hij gezien wordt, zich als dan vertoonen onder eene eenigzins donkere kleur, die egter doorfchijnend genoeg is, om'er eenige ftarren doorheen te kunnen zien ?

De elektrifche natuurkunde leert ons, dat de ftraalen der elektrieke vloeiftof eikanderen onderling afftooten, en zich verwijderen , zo 'er geen ander leidend lichaam nabij genoeg is om dezelven

Sluiten