is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooneelpoëzy.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOONEELSPEL. 39

ZEVENDE TOONEEL.

van Vaalveld, Agatha, Natalia, Eduard.

Mvan Vaalveld, tegen Eduard. va heer, dewyl uw volk nog yvrig bezig is, Zo geeve u dit, vooral thans, geene hindernis. Gebruik toch myn vertrek als't uwe... Wy zyn vrinden , Die, in elkandrens goed, elks eigendom fteeds vinden. Vaar wel.

ACHTSTE TOONEEL. Eduard, Natalia.

TVT Eduard, na een weinig fiilzwygen.

L\ atalia, zyt gy het zelve ? ó Ja Nata l 1 a , op een treurige,, tedere en ontroerde wyze. Ik ben het zelf... Helaas! waar toch, waar vraagt gy na ? Eduard.

Wat wilt gy, dat ik u nog zeggen zal of geeven, Na alles, wat ik u, rondborstig,heb gefchreeven! Natalia.

Wat ik nog wil?.. Ik wacht myn vonnis uit uw' mond... Men is, in welk een' ftaat van rampfpoed men zich vondt, Nooit van den hoogften trap, waartoe zyn rampen ftygen, Verzekerd... Nooit kan men te veel verzekringkrygen, Van onveranderlyk bemind te zyn.. .'k Ontdek, Hoe zeer myn byzyn u tot last, tot hinder ftrekk'... Wat toch, ö Eduard! wat toch heb ik bedreeven, Om u, tot zo veel haat, het minfte recht te geeven? Eduard.

Wel verre dat ik u kan haaten, deelt myn hart,1 Dat uwe deugden eert, in uw verdriet en fmart. Ik zal voor u altyd de zuiverde achting draagen...

C 4 Des