Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOONEELSPEL. 4j Eduard.

6 Ja, gy kunt als nog gelukkig zyn, en bly ven, Een ftille kalmte kan die groote drift verdryven. Zo gy alleenlyk u kloekmoedig...

Natalia.

Zo myn hart Gemeene liefde voedde, ik voelde minder fmart.

Met een jierke aandoening. Maar gy, 6 Eduard!.. .6 Breng u eens te binnen, Hoe gy my eenmaal zwoert, voldandig te beminnen: Gy zwoert me,by deez' hand, die gy thans drukt,uw trouw, En dat geene andere uw beminde ooit wezen zou. Waar zyn uwe eeden ?..

Eduard, haare hand los laatende.

Och! ik moet my zelv' verfoeijen. Natalia.

Ondankbre,ga!.. En weet, hoe wel myn traanen vloeijen, Dat myn bedroefde ziel den hemel dankt en looft, Dat hy aan mynen arm myn dochter hebbe ontroofd. Hy wilde op deeze wys, my zyne gunst verleenen: 'kZou anders haar verdriet, met myn verdriet, beweenen. Gelukkig datze nu een rust fmaake ongedoord. En, liggende in het graf, geen moeder zuchten hoort. Wat zou ze, leevende, met tegenfpoeden dryden!.. Zy deelde in mynen fmaad, myn wanhoop en myn ly den. Eduard.

Niets blyft my ovrig u te aanbieden in uw' daat, Dan vryheid, dille rust en achting... tndedaad, 'k Stel al, wat ik bezit, vry willig in uw handen... Eisch van my 't geen gy wilt, en, buiten huwlyksbanden, Zweer ik, dat al, wat ik bezit, het uwe zy. Natalia.

Dien laasten dag hadt gy dan nog bewaard voor my?

Met eene grootmoedige verontwaardiging, (nen... Maar...zulk een aanbod brengt my thans myn' plicht te binHaalende een zakboekje uit haar zak, bet welk zy op eene tafel nederwerpt.

Zie

Sluiten