is toegevoegd aan uw favorieten.

Fanny Wilkes.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV. BOEK. ri3

ben, waarover ik, God dank! zegepraal. Ik fchrijf, U dit, opdat gij , in plaats van in dezen brief het heldere vuur der tedere vriendfchap ta zoeken , mij veel meer moogt gelukwenfchen met die rust, welke het hart gevoelt, zodra het, met öitflüiting van al het overige, rust, en alleen rust, zoekt."

„ Gij vraagt mij, met betrekking tot den Heer feigned, om raad: dan, waardfte Vriendin! ik kan 'er U bijna geen' geven. Mogelijk is ook alles, wat ik zou kunnen fchrijven, thands niet meer noodig; terwijl ik mijne ftrenge begrippen, aangaande de liefde , zonder bewijzen, hier niet kan ter nederftellen , naardien het vreemd luidt, wanneer ik beweere, dat niets, dan de volflrekte noodzaaklijkheid der gezondheid, gepaard met het belang van den Staat, hem , die zich zelf niet

haat, tot het huwelijk kan overhaalen. (f)

Stort uw hart, wanneer gij hetzelve voor God beproefd, beltraft, opgebeurd, en uit de verftrooijïng verzaameld hebt , in den fchoot uwer braave Moeder uit , en verwaardig ook, zo gij het goedvindt, de mijne met uw vertrouwen; dan zult gij verftandige en getrouwe raadgeeffters hebben. Neigt uw hart als dan tot het huwelijk, zo moet gij trachten, om den Heer'feigned naauwkeurig

te

(t) Na virhop van weinige dagen, muien mijnt Lezert itft Heer handsom neg tem vraagen.

Ik Deel. h