is toegevoegd aan uw favorieten.

Heilige geographie of Aardrykskundige beschryving van alle de landen, enz. in de H.S. voorkomende.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

des Joodfchen Volksl 4ó"ó

ïtï. 19, 24. En dat de Ifraëliten dus onder voogden en verzorgers -waren, Hoofdjl. IV. 2.

Ten twede, konde Ifraël door deze wet, het gevoeglykft onderfcheiden en zelfs afgefcheiden wor« den , van alle vreemde afgodifche volken , ten eindeze des te minder verzoekingen zouden hebben tot hunnen afgodendienft. En dit is ook fchriftuurlyk: daarom word die wet, door dien zeiven Apoftel, een middelmuur des affcbeidzels genoemt, Ephef. II. 14. dewyl Joden en Heidenen daardoor van elkander wierden afgefcheiden. Dit luid derhalven geheel anders, dan dat de Joden deze wet van de Heidenen zouden overgenomen hebben.

Maar eindelyk was Gods voofnaame oogmerk , om door alle die uitwendige plechtigheden, op eenë zeer leerzaame wyze , voor de oogen van Ifraëls volk aftefcbilderen, de verborgenheden des geloofs ; in' het byzonder de uitvoering van het groote Werk' der Verlossinge door Christus , en al wat daar-1 toe behoort. Deze wet mag dan in haare volbrenginge wat moeilyk zyn geweeft; voor het geloovig Ifraël, welker oogen door Gods geeft verlicht waren, om door alle die fchaduwen tot op het lichaam heen te zien, gafze toch een alleraangenaamfte ftoffe van befpiegelingen; vermitsze daarin vonden een Jamenjlel van alle de waarbeden, welkenze totzaligheid kennen, geloven en betrachten moeiten; en waarin dus alle grond van waare vertroofting hunner zielen was. Geen wonder , dat David dan zo vierig begeerde, dat by alle de dagen zyns leevens mocbte wonen in bet buis des Heere, om deze lieflykheden des Heere te aanfcbouwen en te onderzoeken in zynen tempel, Pf. XXVII, 4. Zie ook Pf. LXV. 5. en LXXXIV. 2, 3, 5, 11. Dus behaagde het Gode, zyn kerk', in haare kindsheid , in de geheimen van het aanftaan* de verlosflngs - werk, als Jpeelender wyze, door zulCc 2 ke

Voor* laamlyk >m het lanftaande rerlofiings verk aftechetzeiu