Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Reize der Israëlieten. ag

„ Ti ah ben-i I sr a cl (*), dat is, de weg der Is„ raüieien (wegens eene oude overlevering die deAra,. biers (t) tot hier toe behouden hebben, dat Israël „ daar door getogen is) gelijk mede Baideah of Badiëh , (een nieuw en ongehoord geval, ook een daarfteller „ van een nieuwe en ongehoorde zaak gelijk bijvoorbeeld „ de wereldfchepping is; van Badaah, een nieuwe „ zaak voortbrengen1) misfchien om het nieuw en on„ gehoord mirakel datdigt hier bij gebeurd was; door „ het verdeden der Roode zee, en het verdrinken van „ Farao metdeszelfs wagenen en paarden in dezelve".

Doch deze gedachte van den Heere Shaw, komt mij onwaarfchijnïijk voor.

CO Bijaldien men een nette kaart heeft, gelijk die van Pococke of Niebuhr, dan kan men zien,dat naar dit gevoelen , de Israëlieten van Kairo wel 7 of 8 uur naar *t zuiden dieper in Egypte zouden zijn getrokken: in fteé van den bekenden weg naar het noordoosten in te liaan, om in Arabië te ontkomen. Dit kan ik niet begrijpen. Niebuhr zegt met reden: „ Dan hebben

« zij

(*) Pococke heeft de vallei Tien, langs den laagen weg, heel aan de westkant van de groote vaüei; dat met Shaw niet wel ftrookt.

CO Deze overlevering is ook bewaard, bij de Ichthyophagi of Vischeeters. Zie Diod. Sic. Bib. L. III. C. 40. Tom. I. p. 208 Men vergelijke hier den Hr. Wesfeling in zijne .aantekeningen met Grotius ad Exod. XIV. & Bochart. Phal. L. IV. C. 29. p. 282. En dat is geen wonder; want dat de lijken der verdronkene Egyptenaaren bij hun zijn komen aandrijven, geeft de dichter te kennen Pfal. LXXIV: «4. Vid. Cler. & Bochart 1. cit. 't gene -die plaats welke men buiten dat niet verftaan kan een ongemeen licht bijzet. Dat de Ichthyopha-i hier omrfreeks moeten gewoond hebben, blijkt uit' Ptolemeüs Geofir L. IV. C. V. Tab. HL Africaj p. 100.

B4

Sluiten