is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 601-651, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aan de ambtenaar, die dat wenst, kunnen bepaalde studiefaciliteiten worden verleend, indien naar het oordeel van de burgemeester het belang van de dienst met de desbetreffende studie wordt gediend. Ter zake worden door Onze Minister en Onze Minister van Justitie nadere regels vastgesteld.

ARTIKEL III

Het besluit van 26 augustus 1961 (Stb. 281), houdende vaststelling van de «Regeling vergoeding opleidingskosten politieambtenaren» alsmede de op grond daarvan vastgestelde voorschriften worden ingetrokken.

ARTIKEL IV

Indien en voor zover een ambtenaar in de zin van het Ambtenarenreglement voor de rijkspolitie 1975 dan wel in de zin van het Ambtenarenreglement voor de gemeentepolitie 1958 op de datum van inwerkingtreding van dit besluit aanspraak kan ontlenen op grond van de regeling, bedoeld in artikel III van dit besluit, blijven deze aanspraken voor zover deze gunstiger zijn voor hem van kracht.

ARTIKEL V

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 juni 1978.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

Soestdijk, 22 oktober 1979

Juliana

De Minister van Justitie,

J. de Ruiter

De Minister van Binnenlandse Zaken, H. Wiegel

Uitgegeven de vijftiende november 1979

De Minister van Justitie, J. de Ruiter

1 Laatstelijk gewijzigd bij Koninklijk besluit van 29 september 1979, Stb. 564.