is toegevoegd aan uw favorieten.

Vrij Nederland; je maintiendrai-onafhankelijk weekblad voor alle Nederlanders, jrg 3, 1942, no 19, 05-12-1942

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE GESTROOMLIJNDE VIGTORIE

TTET FRANSE ondergrondse blad “Le Coq Enchainé ” schreef op 9 Aug. van dit jaar: “ De Franse vlootadmiraal Darlan verklaarde op 17 Juni 1940 dat de wapenstilstand verraad was, en dat hij de onoverwonnen Franse vloot aan de Britten zou overhandigen. Maar de volgende morgen, nadat hij zich er over beslapen had, nam hij de voorstellen aan van den “ Redder des Vaderlands ” (Pétain). Is Frangois Darlan een Vlootadmiraal? Neen, hij is slechts een bescheiden visser' in troebel water.”

Darlan was, wat men in Vichy noemde een “ attentiste iemand, die de kat uit de boom keek. Hij bleef in afwachtende houding omhoogstaren naar de boom van het “ Nieuwe Europa,” waarin de Duitse kater het ene vogeltje na het andere opat. Tegelijk echter hield hij er .eigen plannen op na, waarmee hij de fragmentarische en precare “ onafhankelijkheid ” van Vichy-Frankrijk dacht te bevorderen. Toen de Duitse kater daar' achter kwam, werd iiij eruit gebonsjoerd en vervangen door Laval. Hitler wenst willoze werktuigen, en geen kat-uit-de7boom-kijkers.

Hitler had gelijk, van zijn standpunt uit. Darlan speculeerde op een Duitse overwinning; vandaar ook, dat hij in bezet Frankrijk van harte gehaat werd en wordt. Toen deze speculatie Darlan te gevaarlijk ging lijken, probeerde hij zijn verlies te dekken door aankopen op de geallieerde markt. Het tegelijk van twee wallen willen eten is een kenmerk van zijn aarzelende natuur. Toen gebeurde er iets wonderlijks: precies op tijd werd een zijner familieleden zwaar ziek in Algiers. Darlan vloog naar diens ziekbed, om vlak daarop wonderlijkerwijze verrast te worden door de geallieerde landing. Na een raadselachtige tussenpoos weerklonk zijn stem plotseling over de radio: Darlan was Hoge Commissaris in Noordafrika, geiag uitoefenend in naam van den Maarschalk (die hem aanstonds verloochende) en . . . bij de gratie van generaal Eisenhower, bevelhebber der Amerikaans landingstroepen.

Geen wonder, dat de democratische wereld in het harnas vloog: ieder oprecht democraat had in de mening verkeerd, dat deze oorlog gevoerd werd, niet alleen tegen het volbloed-fascisme, maar ook tegen elk soort halfslachtige fascisterij, en zeker tegen de Quislings. 'Vele heftige critici gingen in onbekendheid met de plaatselijke verhoudingen echter veel te ver. De Amerikaanse aanvaarding van Darlan als tijdelijk hulpmiddel (zoals President Roosevelt het geval typeerde, op een wijze welke voor den hoofdpersoon weinig vleiend was), bezat, op korte ternnijn gezien, grote voordelen. Hgt snelle sluiten van een wapenstilstand na enige dagen halfhartig verzet van Franse zijde, was ongetwijfeld te danken aan Darlan’s invloed. Daardoor konden de geallieerde troepen zonder vrees, in de rug aangevallen te wórden, oprukken naar Tunis, waar Moffen en Italianen intussen geen gelegenheid kregen, zich stevig te nestelen. In het tegenovergestelde geval zou de strijd in Aig.ers en vooral Marokko zeker niet met deze korte sisser afgelopen zijn. Men dient niet te vergeten, dat er in

het Noordafrikaanse vreemdelingenlegioen zeker 20.000 goedgeoefende Moffen zitten. General Noguès, die na overleg met Darlan de vijandelijkheden staakte, is verder op zeer goeden voet met de grote Sinjeuren van den Atlas, zoals Tharaud ze noemde, die op zijn wenk ganse legers van Berbers uit de woestijngrond hadden kunnen stamper; en elke Berber is een vervaarlijk scherpschutter. Dit zou vertraging ■en verwarring op de etappelinies veroorzaakt kunnen hebben. Bovendien worden zowel Marokko als het achterland van Algiers volkomen beheerst doof' het technisch uitstekende corps der “ Officiers des Affaires Indigènes,” die in hun uitgestrekte gebiedsdelen, waarin Engeland om en om kan rollen, niet alleen militaire, maar ook civiele macht uitoefenen. Het Amerikaanse leger met zijn Engelse bondgenoten kwam om te vechten, niet om te besturen; het moest de vuisten vrij hebben, onbevreesd voor troebelen in de rug. Daarom moest er een modus vivendi gevonden worden met -dit ganse apparaat, dat, vooral in Marokko, sterk aan de fascisterige kant is. De overtuigde democraten onder het Noordfranse officierscorps zijn gauw geteld; de overigen geloven uit hoofde van hun werkkring in de heilzaamheid van de sterke arm, en hun politiek geloof is dienovereenkomstig georiënteerd. Zij haten het Frankrijk van het ■“ Front Populaire ” en diegenen in de rangen der Verenigde Volkeren, die dit ook doen, vonden deze rationele, snelle, om zo te zeggen gestroomlijnde Amerikaarise overwinning prachtig. Tot het ogenblik kwam, dat Darlan alle idealisten onder ons een “ affront impopulaire ” toediende, dat zelfs de haters van het Front Populaire tot bezinning bracht.

Terwijl Roosevelt uitdrukkelijk verklaard had, dat de tijdelijke benoeming van Darlan geen vooruitlopen betekende cp de vrije en souvereine lotsbeslissing van het Franse volk na de overwinning, verleende Darlan niet alleen de politieke anti-Vichy gevangenen “amnestie” (hoewel Roosevelt “bevrijding ” had geëist)—maar hij begon ook op souvereine toon te spreken over Frankrijk’s toekomst, die “te gelegener tijd” beslist zou worden “ door de autoriteiten.” Daarmee bedoelde hij klaarblijkejijk de resten van het Vichy-bewind die hij in Noordafrika gered denkt te hebben, met de denkbeeldige zegen van Pétain, wiens naam nog steeds door de microfoon werd uitgejubeld.

Nu kwam het geval anders te liggen. Door een dergelijke verklaring kwamen alle nadelen van de gestroomlijnde victorie aan den dag. Na deze eigendunkelijke woorden beseften ook ruimhartige democraten, dat men een zeer lange lepel nodig heeft om met dergelijke heren te souperen, zoals het Engelse spreekwoord luidt. Of, zoals de Nederlander . het kernachtig uitdrukt: “Wie met pek omgaat, wordt er mee besmet.” De heer admiraal Darlan had blijkbaar op supreme wijze lak aan Roosevelt’s verklaringen. Hij dacht: “ Ze hebben me nodig; maar dan moeten ze mij ook maar slikken zoals ik ben. En trouwens: j’y suis, j’y reste.”

Op zo’n kemachtige Franse uitdrukkinghad generaal Eisenhower geen antwoord. Dat is hem niet kwalijk te nemen; voorzover wij kunnen nagaan is Franse psychologie geen verplicht leervak op Amerikaanse militaire academies. Vreemdsoortiger is, dat na Darlan’s drieste verklaring Washington eveneens het stilzwijgen bewaarde, terwijl het ongeruste publiek uit enig', angstvallig gefluister in het Britse Lagerhuis enkel maar kon opmaken, dat de zaak onbesproken moest blijven. Het pek had zijn duister werk gedaan. Het enige lichtpunt in de netelige affaire is, dat Darlan zijn wankele reputatie zelf een geduchte duw heeft gegeven door een kleinzielige verklaring na de tragedie van Toulon, terwijl generaal de Gaulle juist op edele wijze zijn hooghartig stilzwijgen verbrak. Aan de kern van de'zaak verandert dit echter niets.

Roosevelt heeft ons vier vrijheden geschonken, die ons voorlopig de handen vol werk geven. Het State Department te Washington voegde er een vijfde vrijheid bij: de vrijheid tot onderhandelen met halve of ex-Quislings. Wie op de bodem der vier vrijheden dacht te staan, voelde door dit onverwachte addendum deze bodem onder zich weggetrokken. Hoe handig deze vijfde vrijheid ook op het eerste gezicht werkt; men kan er zich nimnier van bedienen om de andere vier sneller te verwezenlijken. Het land der vier vrijheden valt ■ niet te bereiken via het ezelsbruggetje der bekeerde Quislings. De korte afsteek van vandaag betekent de bloedige omweg van morgen. Een handig opgezouten conflict van nu betekent burgeroorlog in Frankrijk na dé bevrijding. Tevens wijst het geval Darlan na diens laatste verklaring in bedenkelijker richting. Het spreekt vanzelf, dat diverse ratten in Europa de laatste dagen hun snorrebaard hebben opgestreken, en een krul in hun staart hebben gelegd. Minister Jan Masaryk heeft de Tsjechische rattten reeds een afdoend antwoord gegeven: “Voor ratten dient een kat, een foxterrier of rattenkruid.” Brede lagen der geallieerde volkeren verwachten echter een ferme verklaring, dat er in de toekomst niet onderhandeld zal worden met camarilla’s van Moffengeneraals, die bereid zijn Hitler aan de dijk te zetten, en evenmin met royalistisch – clericaal – semi – fascistische elementen uit Italië.

“ Deze oorlog is een oorlog van grondslagen,” heeft Churchill terecht gezegd. Daarom dienen de diplomaten der Verenigde Volkeren te beseffen, waar de moraal ophoudt en de politieke buitenbuurt begint waarboven de gevaarlijke vlag waait van het doel, dat de middelen heiligt. Het geyal Darlan heeft zich reeds afgespeeld in de periferie van wat de .Moffen “ Realpolitik ” noemen, op een terrein, waar de bodem glibberig wordt. Dat fatten zich op een dtergelijke bodem thuis voelen, spreekt vanzelf. Democraten, die volgens hun verklaringen althans,, de bodem van het zedelijk ideaal verkiezen, zouden er op vervaarlijke wijze kunnen uitglijden.

A. Den Doolaard.