is toegevoegd aan je favorieten.

Nederlandsch weekblad voor zuivelbereiding en -handel; orgaan voor zuivelbereiders en handelaren in zuivelproducten, jrg 57, 1951, no 32, 07-08-1951

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

\Tn qn 57e JAARGANG IIU 06 X 7 AUG. 1951 Abonnementsprijs ƒ 2,50 per kwartaal + 15 ct incassokosten, voor Beifië 46 + 3 frs, Postcheck 308.163 (Brussel) Losse nummers 25 ct Advertentieprijs 20 ct per mm Tel. Redactie en Adm. 341.

Mechanisering van de melkontvangst o

Directeuren van zuivelbedrijven en constructeurs van zuivelwerktuigen hebben inde laatste jaren de nodige aandacht aan de melkontvangst geschonken met als resultaat, dat het werk van het melkontvangend personeel aanmerkelijk is verlicht door meer te mechaniseren. • * * Bij fabrieken met een melkaanvoer van < 2.000.000 kg melk per jaar geschiedt het ontvangen van de melk zo, dat het vervoermiddel, auto of paard en wagen, langs een platform, dat ± 50 cm buiten de muur van de melkontvangst uitsteekt, wordt gereden en de melkrijder de melkbussen één voor één op dit bordes plaatst.

Wanneer de bascule niet inde onmiddellijke nabijheid van dit bordes staat opgesteld, dan moeten de bussen over de uit gietijzeren tegels bestaande vloer geschoven worden, waardoor slijtage van de bodems der melkbussen optreedt. De melkontvanger-storters tillen de bussen één voor één omhoog, keren ze om en laten ze ineen schuine stand inde basculebak leeg lopen, waarbij de kraag van de bus op een gummirol komt te rusten. Vaak doet de melkrijder tevens dienst als storten, zodat het ledigen der bussen intermitterend verloopt. De hoogte waarop de bussen getild moeten worden bedraagt 70—

VERSCHIJNT WEKELIJKS

90 cm in het geval, dat de storters hun werk op ihet hordes verrichten. Teneinde tot besparing van arbeid te komen heeft men bij sommige bedrijven de situatie aldus gemaakt, dat de melkontvangerstorters op een lager gedeelte van het bordes staan. Het gevolg hiervan is, dat de bussen nu door het melkontvangend personeel over de halve hoogte omhoog getild behoeven te worden. Dit type van melkontvangst treft men aan bij de middelgrote zuivelfabrieken met een capaciteit van ± 10.000.000 kg melk per jaar. Het lossen van deze hoeveelheid melk vergt op deze wijze minder energie van het personeel. * * * De capaciteit van de melkontvangst moet verband houden met de hoeveelheid melk, die wordt aangevoerd, waarbij in aanmerking genomen moet worden, dat het verschil in aanvoer inde winter-

De nieuwe, gemechaniseerde melkontvangst van de Coöp. Zuivelf. „Wijhe” te Wijhe. Transportbanen voor de aan- en afvoer van de melkbussen. <— Buitenaanzicht van de Coöp. Zuivelf. „Elten”, Elten (Gld.J. De stenen trap verleent toegang tot de melkontvangst.

607