Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aan Zijne Excellentie den Gouverneur-generaal van Nederlandsch-Indië. (1)

Geeft met verschuldigden eerbied te kennen

De Zendelingvereeniging in de Minahassa van Menado, dat met de mailboot van 6 September j.1., in de Minahassa arriveerde, de WelEerwaarde Heer J. de Y ries , Roomsohkatholiek" pastoor te Ambarawa, met het openbare doel om de Roomsch-katholieke gemeenteleden te bezoeken en z^jn dienstwerk te verrichten;

dat het evenwel adressante toeschijnt alsof Z.WelEerw. met dat doel nog een ander vereenigde, n.1. de stichting eener Roomsche missie in dit land;

dat zij acht dit doel te blijken uit de omstandigheid, dat Z.WelEerw. te Kema niet minder dan 83 kinderen doopte in den tijd van 24 uren, kinderen, die niet tot zijne gemeente behoorden, maar van Protestantsche ouders; dat Z.WelEerw. voorts in de bovenlanden, met name te Kakas en vooral te Ratahan, zich niet bepaalde tot het bezoeken der Roomschgezinde christenen en het verrichten van zijn dienstwerk onder de zoodanigen, maar ook eenige heidenen, en vooral Protestantsche Christenen doopte, en alzoo inlijfde in de Roomsch-katholieke kerk;

dat ter laatstgenoemde plaats het aantal overgangen zeer aanzienlijk is;

dat adressante in geenen deele aanmerking -wil maken op de werkzaamheden van den WelEer'w. Heer pastoor, noch zyne bevoegdheid in twijfel trekken; maar alleenlijk eerbiedig onder de aandacht van Uwe Excellentie wenscht te brengen, dat de overgangen van Protestanten voor een deel geacht moeten worden te zijn geschied uit min edele beweegredenen, en van de meesten zonder eenige overtuiging;

dat er, als overal elders en in onderscheiden omstandigheden, zoo ook onder de Protestantsche gemeente onte-

(1) Toen de Heer Mr. F. MEIJER.

Sluiten