Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mocht worden, niet te verleenen, en den inlandschen helpers niet toe te staan als missionarissen der Roomsche kerk op te treden, ten einde proselieten te maken uit de Evangelische christenen, of ook in 't algemeen dienst te doen als geestelijken van welken rang dan ook.

't Welk doende, De Zendelingvereeniging in de Minahassa van Menado, In haren naam.

Het stuk is niet vrij te pleiten van overspanning. Maar was die niet verklaarbaar? En moest niet juist daaruit der Eegeering blijken, dat hare tusschenkomst niet overbodig was? Het request was immers ook-krachtig ondersteund door den Resident van Menado? Bestuurders begrepen ditmaal, zich niet tot de Regeering hier te lande te moeten wenden. Zij vertrouwden, dat de Regeering in Indië maatregelen zou nemen, en schreven in dien geest aan de Zendelingvereeniging.

Dat hun vertrouwen geen' voldoenden grond had, bleek uit latere berichten. In de Jaarvergadering des Genootschaps van 1876 werd het onderwerp opzettelijk behandeld, en daar werd besloten zich op nieuw tot den Minister van koloniën te wenden. Eene commissie, in de maand October ter audientie toegelaten bij Mr. alting mees, toen pas als Minister van koloniën opgetreden, ontving van dezen de verklaring, dat, naar zijne persoonlijke overtuiging, het samenwerken van verschillende kerkgenootschappen op hetzelfde veld was af te keuren; doch Z.Exc. deed niet minder gevoelen, hoe moeielijk het voor de Regeering was ten dezen aan allen genoegen te geven.

De vraag had kunnen gesteld worden, of niet juist het moeielijke van het geval een' doortastenden maatregel van de zijde der Regeering zou gevorderd hebben? Doch Bestuurders lieten zich al weder tevreden stellen door de verzekering, dat de Minister erkend had, dat het samen-

Sluiten