Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

christenen iu de Minahassa. Wel is waar hebben wij dit in voorgaande Berichten soms breedvoerig besproken. Het gaat echter niet aan, eenvoudig naar vorige Berichten te verwijzen. Voor den belangstellende is alles, zoo wij hopen, weer nieuw. Laat ons eerst een' Hulpprediker hooren, die in zijn ressort steeds reden te over tot klagen heeft over weinig christelijk leven in zijne gemeenten. Hij schrijft: „Er wordt steeds voortgegaan op eiken tijd, elke plaats en elke wijze, die geschikt mogen geoordeeld worden, het Evangelie te verkondigen, en de beginselen van een christelijk-godsdienstig leven dienovereenkomstig te verbreiden. De rustdag en de feestdagen, de kerk en bet woonhuis, het huis der vreugde en dat des geklags, het ziekbed en de doodenakker, allen worden tot dat einde gebruikt. De Hulpprediker en zijn medewerkend personeel, hoewel overtuigd van menigvuldige zwakheden en tekortkomingen, meenen toch langzamerhand een' beteren geest in den boezem der bevolking, die hen omringt, te zien veld winnen. Dit sterkt hen in het vertrouwen, dat hun werk niet ij del is, en vuurt hen aan tot volharding. Is er bij de groote menigte der christenen van dit ressort nog veel op te merken, dat in strijd is met den christelijken geest, er worden er toch ook gevonden, die blijkbaar door dien geest zich laten leiden, en gewoonten, voortspruitende uit den vroegeren heidenscheti toestand, daarvan begint nu en dan duidelijk aan het licht te komen, dat zij in kracht afnemen. De verlichting en het beter oordeel over levenseischen, door den voortdurenden arbeid der Evangelisatie verspreid, missen op den duur hunne werking niet. Is ook de tegenstand machtig, het kwaad, dat er schadelijk is, moet eindelijk onderdoen voor de macht van het goede. En dat goede zooveel mogelijk te doen