Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar wie in Maoembi en omstreken meer dan oppervlakkig bekend is, wie er, als schrijver dezes, nagenoeg ieder persoonlijk kent, zal uit het gehalte van degenen, die geen wèl van hem spraken (of beter dachten, want kwalijk spreken van een regeerend hoofd zal een Minahasser niet licht), wel niet anders dan een getuigenis te zijnen gunste kunnen afleiden.

Maar, - laatst, niet minst! het beste getuigenis is voor mij het volgende:

In het begin van 1878 was het niet in orde in het aangrenzende district Likoepang. Het eerste en het tweede districtshoofd werden beiden ontslagen, en bij geheim besluit van den Resident van Menado d.d. 23 April van dat jaar werd aan Rotinsulu het tijdelijk beheer over dat district opgedragen. Geheel in den geest van de toen reeds eenige jaren heerschende richting in het bestuur, om het aantal districten in de Minahassa in te krimpen, werd van deze gelegenheid gebruik gemaakt om dat aantal weder met één te verminderen, en het district Likoepang met Klabat-di-atas te vereenigen. Deze twee ontvingen in '84 samen den naam van district Maoembi, naar de voornaamste negery van het laatstgenoemde.

Maar dit was een niet te overkomen slag voor de familie, die altijd in Likoepang aan het bestuur was geweest. Dat de beide genoemde titularissen uit hun ambt waren ontzet, daartegen was niets te zeggen, maar moest daarom het district bij een ander worden ingelijfd? Was er dan niemand om hen te vervangen?

Het voornaamste lid dier familie, de om verschillende den lande bewezen diensten zeer goed bij de Regeering aangeschreven staande hoofd-djaksa te Menado, maakte met opoffering vau aanzienlijke geldelijke uitgaven eene reis naar Batavia, ten einde zoo mogelijk gehoor te erlan14*