Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op zijn' tijd er zouden zijn, besloten wij toch maar met den bouw een begin te maken.

Allereerst moest de oude kerk worden afgebroken. Daarvan werd op een ander erf een gebouw gemaakt, dat later als school zou kunnen dienen, doch voorloopig als kerk dienst zou doen. Toen werden de noodige opmetingen gedaan, en het werk nam een' aanvang. Weldra verscheen de metselaar. Toen kwamen er moeielijke dagen voor onze inlandsche christenen. Wij waren in het midden van den West-moeson; daarna de kentering d. w. z. een tijdperk, dat de ineesten geen voorraad meer hebben, en er bijna dagelijksch op uit moeten om het noodige levensonderhoud te zoeken. Ook de velden vereischten hunne zorg om op een' oogst in het midden des jaars te kunnen rekenen. Inderdaad, wij hebben reden tevreden te zijn! 't Is ons gebleken, tot welke toewijding en offervaardigheid onze inlandsche christenen in staat en bereid zijn. Maar mij aangaande - nu 't alles afgeloopen is, en een ieder zich verblijdt in het bezit van zulk een fraai bedehuis, het doorgestane leed en de groote inspanning vergetende - ik zeg nu: nooit wil ik die offervaardigheid en toewijding weer op zulk eene zware proef stellen. Mocht ik nog eens weer aan dergelijken bouw beginnen, dan zal het niet zijn of ik moet over meer geld hebben te beschikken. Zóó mag 't niet weer gebeuren! Al is 't ook dat de inlandsche christenen zeiven nu zeggen, dat 't zeker met de gedachte aan hun werk is geschied, dat ik iu de eerste helft des jaars dien bouw heb doorgezet, daar gedurende de tweede helft des jaars de verschillende werkzaamheden het eenvoudig onmogelijk zouden hebben gemaakt, zooveel diensten te presteeren.

Toen in den loop van Juni 1888 het bouwen was'af-