Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In dien nacht riep de Heer hem plotseling op. Zijne jonge vrouw vond hem dood te bed liggen. Wat een slag voor die jeugdige weduwe met een kind, voor die vier verweesde kinderen uit zijn eerste huwelijk, voor die oude moeder, die op dezelfde manier jaren geleden haar man verloor. Maar ook welk een verlies voor de bevolking. Hij was geacht en bemind om zijne welwillendheid en stond op het punt om eerste districtshoofd te worden, 's Middags van den 7en brachten wij onder storm en regenvlagen, Lodewijk Wenas ten grave. Moge de Heer zijne ziel in genade aangenomen hebben. Mij was het of een eigen kind mij was ontnomen.

Hoewel het bovenstaande niet tot het verslagjaar behoort, moest mij dit toch eerst van het hart. Een paar andere plotselinge sterfgevallen troffen mij mede zeer in 't verslagjaar. Terwijl ik Zaterdagsmiddags aan mijn preek zat te werken, werd ik om 4 uur geroepen bij Gerrit Lonto. Bij 't maken van zijn varkenshok was hij uitgegleden en 't hakmes langs het borstbeen in het hart gedrongen. Toen ik kwam lag de gevallene op den grond, terwijl zijn moeder zijn gezicht streelde.

Gerrit was geen vriend van mij. Zijn belangstelling in de Evangelieprediking was zeer gering. Een ruziemaker van 't eerste soort. Meermalen huiselijke twist en langer of korter scheiding. Wegens veel familie wilde men hem diaken maken in zijne kampong. Daar verzette ik me tegen. Maar toen had ik het verbruid. Gerrit wist niet meer van Zondag of kerk. Ruw in zijn mond had hij dien morgen nog gepocht op de scherpte van zijn hakmes, niet denkende, dit een paar uur later de oorzaak van zijn dood zou zijn.

Of zulk een dood indruk maakt? Ach, het gaat ook hier als wij lezen in Lukas 13 :1-5. Velen beschouwen Gerrit's dood als een straf der Voorzienigheid. Doch