Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verschillende heeren, die recht hadden op de opengevallen plaatsen, zonden ditmaal voor het meerendeel slechts zooveel candidaten als zij mochten plaatsen. Alleen de Heeren Brouwer, Limburg en J E. de Vries zonden elk één candidaat meer, waardoor het aantal collicitanten tot 13 klom.

Gewoonlijk neem ik dit examen alleen met mijne hulponderwijzers af en zijn er geen andere heeren tegenwoordig. Ditmaal werd het examen als belangstellende bijgewoond door Br. Ph. H. C. Hofman, van Posso, die mij zelfs met lust en ijver terzijde stond en mij daardoor een grooten dienst bewees.

Het examen begon 's morgens om 8 uur. Van acht tot half elf uur werd er gerekend. Daartoe werden de volgende sommen opgegeven:

313524 + 235 X 68092 — 8754375 : 125 _ (7249299 — (83964 + 5798)):539 2. Iemand was ƒ 20- j V schuldig. Hij betaalde hierop ƒ 7§ en vervolgens tot afbetaling elke week een rijksdaalder. In hoeveel weken was de schuld afgelost?

3. Een koopman mengde 70 liter wijn van ƒ l£ den L. en 50 L. van ƒ fr den L. dooreen. Hoe hoog kwam de L. gemengde wijn.

4. Jozef zei: „Als ik het § deel mijner knikkers aan mijn broeder Adam geef, houd ik er nog 18 over." Hoeveel knikkers had Jozef ?

5. Een koe en een kalf kosten samen ƒ 180,—. Als de koe 3& maal zoo duur is als het kalf, hoe duur is dan ieder?

6. Eene vrouw kocht van een winkelier 3 K.G. thee a ƒ 2f; 12 K.G. rijst van een kwartje de K.G.; 8 K.G. suiker a / | en 16 K.G. koffieboonen a ƒ ly 3 0 Zij gaf 16 rijksdaalders. Hoeveel gulden moest ze terug ontvangen?