Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij het bemerken en beplanten van den grond.

1. Zij die hun sawah zullen gaan bewerken moeten daarvoor een goeden dag uitkiezen, willen zij beveiligd zijn tegen ziekte in liet gewas. Beginnen zij hun sawah te ploegen op bijv. Woensdag, dan dienen zij met het beplanten ook op een Woensdag te beginnen; zoo ook met wieden. De dag van den pasar behoeft hierbij niet gerekend te worden.

2. Het den ploeger niet geoorloofd achter den ploeg loopende, iets te eten. Niet alleen zal hij dan ziekte in den aanplant krijgen, maar de rijst in de rijstschuur zal dan ook snel verminderen.

3. Wanneer de zaaipadi reeds is uitgesproten, mag men geen wedang (warm water) wegwerpen, daar dit het rotten van het gezaaide in de hand zou werken.

4. Heeft de jonge rijst den leeftijd van 35 dagen bereikt, dan mag men bij de ingrediënten voor het bereiden van spijzen geen asem (tamarinde) gebruiken : de rijst zou daardoor rood worden.

5. Voor hen d : e gaga (rijst op droge velden) planten, is het verboden wedang weg te gooien : de gaga zou daardoor te warm worden en verdrogen, (zie no. 3.)

G. Wanneer iemand klappers zal planten, dan moet hij bij den plantkuil gaan sila (een wijze van zitten) en zoo den klapper (kokosnoot) planten; de boom zou dan nog vóór liij de helft van zijn hoogte heeft bereikt, reeds vruchten dragen.

7. Het is niet geoorloofd dat iemand sawah of tëgal beplant d'e gelegen is tusschen gronden van zijn ouders: de aanplant zal dan steeds slecht zijn.

8. Wanneer men zaaipadi uittrekt is het niet geoorloofd om andjirs (seinpaaltjes die vaak gebruikt worden otm de grenzen van de afdeelingen in de sawah aan te wijzen) mede uit te trekken. Doet men dit, dan