Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

42. Komen de eerste weeën, dan dient de man zijn hoofddoek af te doen als men eene voorspoedige geboorte wenscht.

43. Gaat de geboorte niet voorspoedig dan dient men in de keuken de toemang (steen waar de pot om te koken op staat) weg te nemen. Zorgt men hiervoor niet dan zal de bevalling lang duren.

44. Het is haar niet geoorloofd een oude laddersport te verbranden ; zij zou dan last krijgen van verhardingen in de borsten.

45. Het is haar niet toegestaan te gaan eten in het vertrek waarin men slaapt; haar kind zou dan gaan lijden aan sarab (een huiduitslag).

46. Heeft iemand als eerste kind een meisje, dan mogen de ouders bij het dragen van hun kind niet van uit de deur der woning naar iets in de verte blijven zien, want hun kind zou later lang op een wederhelft moeten wachten.

47. Zij mag geen visch ombuigen (ombuigende doorbreken) want daardoor zou het te verwachten kind gebocheld ter wereld komen. (Yoor gebocheld gebruikt men het woord

48. Zij heeft zich te ontzien van het eten van roedjak koedoe (een lekkernij): zij zou dan een leelijk kind ter wereld brengen dat bovendien aan korêp zou gaan lijden. (71011 = een huidziekte).

49. Indien zij stilletjes een waloe (vrucht van een klimplant) van elders wegneemt en hiervan eet zal haar kind later geboren worden met een kaal hoofd.

50. Zij mag in geen geval voor de stookplaats gaan eten ; zij zou daardoor bevallen van een kind met een grooten mond.

51. Veertig dagen lang na de bevalling moet zij