Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

echter uitvoerige verslagen van de daar 'gehouden voordrachten.

Uit die verslagen krijgt rrieri den indruk, dat het doel van het Congres niet is geweest verschillende vraagstukken op zendingsgebied aan de orde te stellen en te bespreken óm zoo tot een communis opinio te komen, maar dat het uitsluitend een propagandistisch karakter had. Op een hoog peil staat die propaganda niet; zij onderstelt weinig bekendheid bij de hoorders. Ook is zij hier en daar wat gVofi Met helle kleuren worden de verschrikkingen van het heidendom geschilderd om daartegenover dan de zegenrijke werking der kerk te laten uitkomen. Alle andere zendingsarbeid wordt als zoodanig genegeerd; de Protestantsche Zending wordt slechts ten tooneele gevoerd als boeman onl, tot meer ijver en offervaardigheid voor het eigen werk aan te dringen. Alles wat niet bij Rome behoort is „vijand". Ook blijkt niet, dat men eerbied heeft voor de inlanders. De toon, dien wij kennen uit de mededeelingen der Protestantsche voormannen op zendingsgebied, wordt er gemist. Dat men eerst leerling moet worden om daarna de gelijke te kunnen zijn er, straks leiding te geven, wordt er niet gehoord. Het is de macht, de glorie van het stelsel, die hier tot uiting komen, maar men merkt niet de erbarming om de zielen. Het geheel geeft' een indruk van oppervlakkigheid.

De eerste rede was van Pater Jac. Mulders S. J. óver hét onderwerp: „Java kan en moet gewonnen worden voor Christus": Dé volgende gedachten werdén ontwikkeld:

1. Java dreigt materieel en moreel te gronde te gaan. Van de redding van Java hangt de redding af van geheel den Oost-Indischen Archipel. Die redding is slechts mogelijk döor een snelle en intensieve miSsioneering.

2. Wij vragen van Nederland: a. dat de missioneering op Java een voorname plaats inneemt in zijn belangstelling; b. dat Nederlands Katholieken door hun invloed en stoffelijke hulp de vrije ontwikkeling van het zendingswerk zullen waarborgen.

Aan het verslag van die rede ontleenen wij de volgende citaten: „De Hollandsche regeering erkent wel officiéél 35 millioen Mohammedanen, maar, naar de beste kenners

Sluiten