Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Mandor. Het streven der mensehen is zeker naar hun geluk, en wel, als ze het bereiken kunnen, hun geluk naar lichaam en geest.

Ik. Dat geloof ik ook. Maar nu wil ik u vragen, de veelwijverij, is die goed of kwaad ? Brengt die geluk of ongeluk?

De Mandor. Naar mijn inzien is de veelwijverij zeker goed. Een man, die overal, waar hij heen gaat, zijne vrouw kan ontmoeten, noord- of zuid-, oost- of westwaarts, overal eene echtgenoot vindt, zou dat niet aangenaam zijn?

Ik. Ik noem dat in het geheel niet aangenaam. Ten eerste houdt zulk een man zich niet aan de instelling, die God aan Adam heeft gegeven. Ten tweede ontbreekt het hem aau de ware liefde in het huwelijk. Ten derde loopt hij gevaar van links en rechts verwenscht te worden; soms vindt hij zelfs niet eens zijn eten klaar, maar krijgt hij woorden van alle kanten. Bovendien, bedenk dit ook eens, zoo iemand gedraagt zich eigenlijk niet als een mensch, hij hoort eer onder de beesten thuis.

De Mandor. Ja, Broeder! van dien kant bezien, is er zeker heel wat tegen. Ik herinner mij nog dien loerah van N. N., die vier vrouwen had. Wat is het dien niet dikwijls gebeurd, dat hij bij eene van haar kwam om te eten of te schuiven (opium), en dat er niets gereed was. Hem heeft de veelwijverij bijna den dood gekost, want no. 3 wilde hem vergeven, en no. 4 was op weg om hem te verminken. Gelukkig, dat hij het nog in tijds bemerkte, anders had hij er in eens genoeg van gehad.

Ik. Nu, overweeg dat nu eens goed! En meen niet, dat een ongeregeld leven heil kan aanbrengen. Als gij waarlijk belang stelt in uw geluk naar lichaam en geest, volg dan de geboden en het onderwijs van den Heer Jezus. Want hij is op aarde gekomen om allen, die hem volgen gelukkig te maken. Daartoe heeft hij allerlei ellende ondergaan, en zelfs ten doode toe geleden, opdat Hij de mensehen weder tot de hemelsche gelukzaligheid zou terugbrengen.

Sluiten