Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1888. M 8 en 9.

MAANDBERICHT

VAN HET

Nederlandscke Zendelinggenootschap.

(Gesticht in 1797.)

Verslag van den Staat en de Werkzaamheden van hel Nederlandsche Zendelinggenootschap, van 1 J Juli 1887 tot ult°. Juni 1888.

nWee st eensgezind onder malkanderen". . . . «Indien het mogelijk is, zoo veel in u is, houdt vrede met alle menschen." (Rom. 11: 16a en 18.)

Er gaat eene strooming door het gansche menschdom, eene krachtige strooming, onweerstaanbaar als de vloedgolf, die haren weg vervordert, ook waar stormen en orkanen woeden. Die strooming is de christelijke zending.

Zij schijnt in onze dagen aan kracht te winnen. Hare voorstanders beijveren zich, het woord van den Apostel in toepassing te brengen: ffWeest eensgezind onder malkanderen" en meer dan ooit te bedenken dat andere woord: //Indien het mogelijk is, zooveel in u is, houdt vrede met alle menschen." De liefde van Christus dringt hen tot onderlinge samenwerking. Het is alsof de Geest Gods in verruimde mate over allen wordt uitgestort, als in hunne vergaderingen uit volle borst wordt aangeheven: »Hoe goed en liefelijk is het, dat broeders ook samen wonen!"

Zoo zal het geweest zijn in Londen, terwijl daar van den 9den tot den 19den Juni afgevaardigden uit de meeste landen samenkwamen, om van het werk hunner Genootschappen te getuigen, en verder te beramen wat kan dienen om het groote en gewichtige werk te bevorderen.

»Het groote doel van deze samenkomst is," zoo luidde de oproeping, uitgegaan van de Engelsche Broeders, »alle Evangelische Vereenigingen en Genootschappen aan te sporen en aan te moedigen, om krachtig voort te gaan, overeenkomstig het afscheidswoord van den Heer, en door te dringen vooral in die uitgestrekte gewesten van de heidenwereld, waarin het volk, zonder Evangelieprediking, zit in duisternis en schaduwe des doods."