Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

achtig bleef, omdat hij den man niet vertrouwde, verzocht deze hem, zijn zoontje als kweekeling aan te nemen. Hierin werd bewilligd; doch nu herhaalde Rubin zijne aanzoeken, om weder geplaatst te worden.

Na verschillende gunstige inlichtingen omtrent hem te hebben ingewonnen, besloot Poensen hem te bestemmen tot hoofd van de nieuwe desa, boven genoemd. Hij schikte zich daarbij geheel naar Poensens plannen, en tot heden heeft deze niet dan reden tot blijdschap. De man ontwikkelt een' grooten ijver in het bekend maken des Evangelies, blijkbaar op eene wijze, die onder zijne landgenooten ingang aan zijn woord doet vinden. Hoe nu zijne vrouw hem ook hierin ter zijde staat, werd reeds in Maandbericht No. 11 medegedeeld.

Poensen schrijft aan het slot van dit bericht; »Zoo heeft God ons in die streek weêr eene deur geopend, door welke wij hopen, dat vele Inlanders tot het geloof zullen komen, zoodat ook te Taloen eene gemeente van eenige beteekenis staat gevormd te worden."

6. Onze Broeders Wijngaarden en Hulstra.

Den 4den November bereikten onze Broeders Batavia. Br. Wijngaarden schrijft: »Zondag morgen, ten 9 uren kwamen wij te Priok (de haven van Batavia) aan. Met dank aan den Hemelschen Vader zetten we voet aan wal. En wel hadden we reden tot dankbaarheid: de Heer was immers nabij gewsest; Hij geleidde ons veilig over de groote wateren."

Te Batavia werden de BB. hartelijk ontvangen door Ds. Knottnerus , die hun verder tot raad en leidsman was. Na ettelijke dagen zouden zij met de Gelderland doorreizen, doch waarschijnlijk te Samarang van boord gaan, om, na Br. Hoezoo een bezoek gebracht te hebben, per spoor hunne reis naar Mödjö-warnö te vervorderen. »Als we 's morgens ten 7 uren uit Samarang vertrekken, zijn we 's middags ten 3 uren te Djombang". En als men nu weet, dat zij dan zeer nabij hunne bestemming zijn, en drie dagen reizens hebben uitgehaald, dan heeft men reden om uit te roepen: »Wat zijn de reisgelegenheden op Java verbeterd!" Mocht in dezelfde rede het Evangelie toegang vinden in de harten van Javanen."

7. Gelegenheden om veel van de Zending te hoor en.

Wij herinneren, dat nog eenigen tijd hier te lande vertoeven: Br. J. K beemer , ('s Gravenhage, Prinshendrikstraat No. 99), Br. J. F. Niks , Hulpprediker van Koepang, die onze belangen op Savoe zoo uitnemend behartigde, (Utrecht, achter Tivoli), Br. M. Brouwer, Hulpprediker van Langowan (bij den Heer van Belkum , Leeuwarden) en Br. N. Graafland , Adjunct-Inspecteur van het Inlandsch onderwjjs. Al deze Broeders zijn bereid, op uitnoodiging van belangstellenden, bijzonder van Bestuurders van ons Genootschap, mededeelingen te doen omtrent de zending en hun werk.

Sluiten