Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werd,deinkomstentotnog toe zoo ver beneden de raming bleven. Mogen wij het jaar 1890 kunnen eindigen met hartelijke dankbaarheid aan God, die reeds zoo dikwijls ook aan ons Genootschap deed en ook nu weer doen kan en wil boven bidden en denken. Hij wil ons onze diepe afhankelijkheid van Hem doen gevoelen. Verootmoedigen wij ons, opdat Hij ons verhooge te zijner tijd.

Wij naderen het honderdjarig bestaan van ons Genootschap. Of vraagt iemand wankelmoedig: zal dat wel gevierd worden ? Zullen wij het werk bij de jammerlijke onverschilligheid van velen en de tegenwerking van anderen niet moeten opgeven ? Dat verhoede God! en Hij zal hot verhoeden, wanneer het Genootschap gevestigd blijft op den grondslag, waarop het gesticht werd: het evangelie naar de Schriften.

Zou het mogelijk zijn, dat in 1897 ook andere Genootschappen het honderdjarige bestaan van het Nederlandsche zendelinggenootschap van harte mede wilden vieren ? Zou het mogelijk zijn, dat de voornaamste dier Genootschappen zich vereenigden en alzoo vele geldelijke moeilijkheden weggenomen werden en de werkkracht vermeerderd? Bij God zijn alle dingen mogelijk!

Bidt om den vrede van Jeruzalem.

2. De Meisjesschool te Tomohon.

Ik mag vooronderstellen, dat menigeen in 't Vaderland met belangstelling uitziet naar eenig bericht over deze inrichting, en zich verblijden zal, dat deze school. in de laatste jaren zich in toenemenden bloei heeft te verheugen. Wel is nog niet bereikt, wat wij zoo gaarne zouden wenschen, namelijk dat de schoolgelden voldoende zjjn, om in eigen onderhoud te voorzien, en is de hulp, die wjj van de Vaderlandsche gemeente behoeven, niet onbelangrijk, doch wij mogen van vooruitgang, van vermeerderde belangstelling gewagen, en juist dit zal velen eene opwekking zijn, om voort te gaan met dit goede werk te steunen. Dat de arbeid op deze school verricht niet onvruchtbaar is, bleek ons mede den 27sten Juni

Sluiten