Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sche kennis van den zendeling geen eigenlijk wetenschappelijke zijn, het is toch hoogst wenschelijk, dat zij, als kennis van verschillende ziektegevallen en toestanden en als kennis van de wijze van behandeling, zoo omvangrijk mogelijk zij.

Ook onder de Battaks wordt de medische hulp van den zendeling zeer gewaardeerd. In 1893 werden niet minder dan 1368 personen behandeld en aan dezen te samen 5034 malen geneesmiddelen uitgereikt. Onder de ziekten bekleeden de pokken eene voorname plaats; de verwoestingen, daardoor in de laagvlakte aangericht, zijn menigmaal zeer groot. Op de hoogvlakte schijnt deze ziekte door het koeler klimaat of andere oorzaken veel minder hevig en gevaarlijk te zijn; daar wordt zij beschouwd als hier te lande mazelen, en de sterfte der aangetasten wordt op 5 procent geschat; terwijl die in de laagvlakte tot 5(1 stijgt. Ter voorkoming dezer ziekte wordt ook hier door den zendeling, hierin door de Regeering gesteund, de vaccine toegepast. Maar door de zorgeloosheid der Battaks en het met hloote armen loopen en werken wordt bij velen het goed opkomen der pokpuisten verijdeld en heeft de bewerking geen voldoend gevolg. Toch leert de ervaring ook hier voldoende, dat de met goed gevolg toegepaste inënting een voorbehoedmiddel tegen besmetting is.

Béne tweede besmettelijke ziekte is de melaatschheid, doch deze komt onder de Karo w-Battaks, den stam onder welke deze zending werkt, niet veel voor. Verder heerschen in min of meer hevigen graad de ziekten der onreinheid: schurft, koorts door vuile uitdampingen ontstaan, en dergelijke. De kampongs zijn dan ook in huil geheel, en ieder huis in 't, bijzonder, ware vuilnishoopen; daarom worden ook de woningen der onderwijzers niet in, maar even buiten de kampongs, op een vrij en zuiver terrein gebouwd. Ook ziekten, die gevolg zijn van zedelijke onreinheid, zijn niet zeldzaam.

Heeft natuurlijk de behandeling dezer ziekten niet altijd een' gunstigen uitslag, grooter succes wordt gewoonlijk verkregen bij de behandeling van allerlei verwondingen, zoo licht bij slechte behandeling oorzaak van langdurig lijden, en onder goede behandeling meestal spoedig genezen.

Een milde bron van ziekte en ellende is ook het opiumschuiven, en helaas! daartegen helpt medische hulp al zeer weinig. Toch brengt ook hier soms de ellende van den één den ander zegen; zoo meldt Br. Wijngaarden, dat de penghoeloe van BoeloehHawar onthouder is, doordat zijn vader, die sterk schoof, dit steeds bij zijnen zoon bad tegengegaan. Maar dezulken zijn zeldzaam. En wie er eens aan verslaafd is, ook al houdt hij zich een 1 tijd lang goed, hij bezwijkt op den duur schier

Sluiten