Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel eene school gevonden, en ook in het begin der vorige eeuw werd hier nog wel een onderwijzer aangetroffen, maar na 1831, toen aan den hier geplaatsten inlandschen schoolmeester P. Bastiaan „honorabel ontslag uit deze zijne betrekking" werd verleend (Med. XXV pag. 81), bleef Bolaang-Mongondow van alle onderwijs verstoken. Dat dit gebeurde, is echter noch het Genootschap, noch der Regeering te wijten. Alleen de hoofden dragen hiervan de schuld. Op hun tegenzin en onverschilligheid voor 't ontvangen van onderwijs, die oorzaak waren van het sluiten der school in 1831, stuitten alle pogingen af, welke ten doel hadden, de Mongondowsche jeugd van onderwijs te laten profiteeren. Noch van Genootschaps-, noch van Gouvernementsscholen waren ze gediend. (Alleen de Minah. uitgewekenen verlangden naar scholen. Zie Med. XX pag. 160; XXV pag. 85). Zoowel Br. J. Alb. T. Schwarz, die sprak over Genootschapsscholen, als der door den Resident van Menado naar Bolaang-Mongondow gezondene „Commissie voor de zaken in Bolaang-Mongondow", welke informeerde of de hoofden geen Gouvernementsscholen wilden hebben, werd dit duidelijk te verstaan gegeven. (Med. XX pag. 163, 175, Med. XXV pag. 84 v.v.) Hun kinderen ontvingen Mohammadaansch onderricht en dit was genoeg. Indien men door de scholen leerde hoe 't Gouvernement te bestrijden, dan zou 't een ander geval zijn, dan zou men ze wel willen hebben. (Med. XX pag. 175.)

Maar was in vroeger dagen de stemming der hoofden alleszins tegen onderwijs, tegen ontwikkeling van het volk, duchtten zij hiervan niets dan nadeel voor zichzelven, onder invloed van den Controleur A. V. Veenhuyzen schijnen hun denkbeelden aangaande 't nut van volksonderwijs belangrijke wijzigingen ondergaan te hebben. In het jaar 1903 toch werd door het Zelfbestuur van Bolaang-Mongondow bij genoemden Controleur een request ingediend, behelzende een verzoek om niet minder dan 10 volksscholen. En als men weet dat in dit jaar 1906 niet 10, maar 14 zendingsscholen zijn geopend en de bevolking voor schoolgebouwen, banken en onderwijzerswcningen zorgde — al moest ze ook wel eens aangespoord worden — zal men moeten erkennen dat het 't Zelfbestuur ernst was met zijn verzoek en dat dit meer dan vele andere dingen getuigt van veranderingen ten goede in Bolaang-Mongondow.

Het hierboven meegedeelde moge voldoende zijn om te doen zien hoe door de nauwere aanraking van ons Bestuur met het landschap Bolaang-Mongondow er veel eene merkwaardige verbetering heeft ondergaan, en de bevolking,

Sluiten