Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zover betreft het beheer, de inrichting en het regiem der rijksasyls naar beginselen bij de wet te stellen.”

Artikel III

In het Wetboek van Strafvordering wordt de volgende wijziging gebracht:

In artikel 553 worden tussen de woorden „geschiedt” en „op last van het openbaar ministerie” ingevoegd de woorden: „overeenkomstig door Onze Minister van Justitie te stellen richtlijnen”.

Artikel IV

De wet van 3 Januari 1884 ( Staatsblad no. 3) wordt ingetrokken. De wet van 14 April 1886 ( Staatsblad no. 62) wordt ingetrokken. De wet van 22 November 1918 ( Staatsblad no. 607) wordt ingetrokken.

Artikel 7 van de wet van 25 Juni 1929 ( Staatsblad no. 361) vervalt.

Artikel V

In de gevallen, waarin de rechter met toepassing van artikel 7 van het Besluit Buitengewoon Strafrecht heeft bepaald, dat de opgelegde vrijheidsstraf geheel of gedeeltelijk in een rijkswerkinrichting zal worden ondergaan, wordt de opgelegde vrijheidsstraf niet in een rijkswerkinrichting ondergaan, doch in geval van veroordeling tot hechtenis, vervangende hechtenis daaronder begrepen, in een huis van bewaring en in geval van veroordeling tot gevangenisstraf in een gevangenis, waar de gevangenisstraf geheel of gedeeltelijk in gemeenschap wordt ten uitvoer gelegd.

Artikel VI

Deze wet treedt in werking op een nader door Ons te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven ten Paleize Soestdijk, 21 December 1951.

JULIANA.

De Minister van Justitie, H. MULDER1JE.

Uitgegeven de elfde Januari 1952.

De Minister van Justitie, H. MULDERIJE.

Sluiten