Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tevens moeten twee passers en een stel van twee driehoeken of een parallellineaal aan boord zijn.

2. Aan boord van elk schip moeten bijgewerkte lichtenlijsten van de kusten, welke op de voorgenomen reis in zicht kunnen komen, aanwezig zijn.

3. Aan boord van schepen van meer dan 100 ton moeten bijgewerkte zeemansgidsen of zeilaanwijzingen, welke nodig zijn voor de te ondernemen reis, alsmede een zeemansalmanak, aanwezig zijn.

Artikel 75

K ompassen 1. Aan boord van zeilschepen van minder dan 200 ton, stoom- en motorvissersvaartuigen van minder dan 100 ton, schepen in de Waden Sontvaart en sleepboten, uitsluitend gebezigd in de vaart langs de Franse, Belgische, Nederlandse en Duitse kust van Duinkerken tot aan het Kaiser-Wilhelmkanaal en in de Wad- en Sontvaart, moet ten minste één, en aan boord van elk ander schip moeten ten minste twee goed werkende magnetische kompassen, welke op vaste plaatsen zijn opgesteld, aanwezig zijn. Deze plaatsen moeten met het oog op het gebruik doelmatig en zodanig zijn gekozen, dat de kompassen geen hinderlijke storing ondervinden van in de nabijheid geplaatste ijzermassa’s. Hiertoe moet tijdig het advies van één der filiaalinrichtingen van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut of van een bevoegd persoon worden ingewonnen.

2. Aan boord van schepen, voorzien van twee of meer kompassen, moet ten minste één der kompassen zodanig zijn geplaatst, dat men van de plaats, waar dit kompas is opgesteld, vrij uitzicht heeft over ten minste 24 streken van de horizon. Zulk een kompas moet voorzien zijn van een peilinrichting, welke door een bevoegd persoon op haar juistheid is onderzocht.

Aan boord van schepen moet bij aanleg van electrische leidingen in de nabijheid van kompassen rekening worden gehouden met het daaromtrent in artikel 11 van bijlage VI bepaalde.

3. Aan boord van schepen, welke van staal of ijzer zijn gebouwd, of waar zich belangrijke ijzermassa’s aan boord bevinden, moeten de kompassen door een bevoegd persoon behoorlijk gecompenseerd zijn en moeten, blijkens een te vertonen stuurtafel, de fouten van het kompas of, indien meer kompassen aan boord zijn opgesteld, van ten minste twee kompassen bekend zijn. Vóór de compensatie moeten de kompassen, kompasrozen en onderdelen door de bevoegde persoon op hun deugdelijkheid zijn onderzocht.

4. Tenzij uit de aantekeningen van de kapitein blijkt, dat de fouten der kompassen in zee door waarnemingen geregeld worden gecontroleerd en zij binnen redelijke grenzen blijven, moet, telkenmale wanneer de ambtenaar van de Scheepvaartinspectie dit nodig oordeelt, zodanige controle binnenslands door een bevoegd persoon worden verricht.

Sluiten