is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1978, no. 336-360, 01-01-1978

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het op de datum van herindeling lopende vijfjarige tijdvak wordt de extra vergoeding voor de in overgaand gebied gelegen bijzondere scholen bepaald op de som van enerzijds het per leerling onderscheidenlijk per lokaal en per kleuter omgerekende overschrijdingsbedrag, berekend over de kalenderjaren na het jaar van herindeling, en anderzijds het gemiddelde van de per leerling onderscheidenlijk per lokaal en per kleuter omgerekende overschrijdingsbedragen, berekend als had geen herindeling plaatsgevonden, over de overige jaren van het vijfjarige tijdvak. Voor de toepassing van artikel 101, vierde lid, der Lager-onderwijswet 1920 worden de bijzondere lagere scholen, gelegen in van de op te heffen gemeenten Blokker onderscheidenlijk Nibbixwoud naar de nieuwe gemeenten Hoorn onderscheidenlijk Wognum overgaand gebied, geacht met ingang van het kalenderjaar na het jaar van herindeling in deze nieuwe gemeenten te zijn gesticht. Indien in een op te heffen gemeente geen openbare kleuterschool gevestigd is, wordt de van deze gemeente overgaande bijzondere kleuterschool voor toepassing van artikel 73, derde lid, der Kleuteronderwijswet geacht met ingang van het kalenderjaar na het jaar van herindeling te zijn gesticht in de nieuwe gemeente.

6. Indien de datum van herindeling ligt vóór 1 maart, stellen de nieuwe gemeenten voor het jaar van herindeling het getal wekelijkse lesuren vast, bedoeld in artikel 101 bis, eerste lid, der Lager-onderwijswet 1920. Valt de datum van herindeling later, dan blijven de reeds vastgestelde getallen van kracht en vindt de vaststelling van de aan de besturen van de bijzondere scholen uit te keren vergoeding voor beloning van vakonderwijzers plaats als had geen herindeling plaatsgevonden. Voor de bijzondere school, gelegen in van de op te heffen gemeente Nibbixwoud naar de nieuwe gemeente Wervershoof overgaand gebied, geldt het bepaalde in artikel 101 bis, vierde lid, der Lageronderwijswet 1920, met dien verstande dat, indien de datum van herindeling valt op of na 1 maart, het bepaalde in de vorige volzin van toepassing is. 7. Voor de toepassing van artikel 189, vijfde lid, van het Besluit buitengewoon onderwijs 1967 is het bepaalde in het vierde lid van overeenkomstige toepassing.

Artikel 36

1. Onverminderd het bepaalde in het tweede lid en in artikel 37 gaan óp de datum van herindeling de archieven van de op te heffen gemeenten Hoogkarspel en Westwoud over naar de nieuwe gemeente Bangert; die der op te heffen gemeenten Blokker, Hoorn en Zwaag over naar de nieuw* gemeente Hoorn; die der op te heffen gemeenten Abbekerk, Midwoud, Opperdoes, Sijbekarspel en Twisk over naar de nieuwe gemeente Noorder-Koggenland; die der op te heffen gemeenten Hensbroek en Obdam over naar de nieuwe gemeente Obdam; die der op te heffen gemeenten Hoogwoud en Opmeer over naar de nieuwe gemeente Opmeer; die der op te heffen gemeenten Bovenkarspel en Grootebroek over naar de nieuwe gemeente Stede Broec; die der op te heffen gemeente Wervershoof over naar de nieuwe gemeente Wervershoof; die der op te heffen gemeenten Avenhorn, Berkhout, Oudendijk en Ursem over naar de nieuwe gemeente Wester-Koggenland; die der op te heffen gemeenten Nibbixwoud en Wognum over naar de nieuwe gemeente Wognum. 2. Alle kadastrale en andere stukken, uitsluitend betrekking hebbende op overgaand gebied, gaan op de datum van herindeling over naarde gemeente waaraan dat gebied wordt toegevoegd. 3. Het bestuur van een gemeente waaraan gebied wordt toegevoegd, heeft van de datum van herindeling af het recht te allen tijde kosteloos inzage te nemen van de archieven der gemeente waarvan dat gebied wordt afgescheiden, dan wel der gemeente waarnaar die archieven krachtens het be-