is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1978, no. 501-549, 01-01-1978

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

Artikel 16b (oud) wordt genummerd als 16c; in dit artikel wordt in plaats van «vroedvrouw» gelezen: «verloskundige» en in plaats van «baring»: «bevalling».

J

In artikel 17 wordt in plaats van «vroedvrouw», «Zij» en «zij» gelezen: «verloskundige», «Hij» en «hij».

In plaats van «haar verrichtingen» wordt gelezen: «zijn verrichtingen», in plaats van «doorhem»: «door deze», in plaats van «door haar»: «doorhem» en in plaats van «aan haar»: «aan hem».

K

In artikel 18, eerste lid, wordt in plaats van «vroedvrouw» gelezen: «verloskundige» en vervallen de woorden «of haar».

Artikel II

De Wet van 25 december 1878, Stb. 222 2 , houdende regeling der voorwaarden tot verkrijging der bevoegdheid van arts, tandarts, apotheker, vroedvrouw en apothekersbediende, wordt gewijzigd als volgt.

A

In artikel 16, eerste en vierde lid, wordt in plaats van «vroedvrouw» en «haar» gelezen: «verloskundige» en «hem».

B

In artikel 21, eerste lid, wordt in plaats van «vroedvrouw» gelezen: «verloskundige».

Artikel III

De Medische tuchtwet (Stb. 1928, 222) 3 wordt gewijzigd als volgt.

A

In artikel 3 wordt in plaats van «vroedvrouw», «vroedvrouwen», «haar» en «zij» gelezen: «verloskundige», «verloskundigen», «zijn» en «hij».

B

In de artikelen 4,4a, eerste lid, en 6, wordt in plaats van «vroedvrouw» gelezen: «verloskundige».

C

In de artikelen 8, eerste lid, en 9, tweede lid, wordt in plaats van «vroedvrouwen» en «vroedvrouw» gelezen: «verloskundigen» en «verloskundige».

D

In de artikelen 10,11, eerste lid, en 12, eerste en derde lid, wordt in plaats van «vroedvrouw» gelezen: «verloskundige».