is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1978, no. 701-763, 01-01-1978

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

W. Artikel E22 wordt vernummerd in artikel E23 en wordt gewijzigd als volgt:

In het eerste lid wordt voor de woorden «in belangrijke mate» gelezen: In overwegende mate.

X. 1. De artikelen E23 en E24 worden vernummerd in respectievelijk artikel E24 en E25. 2. Artikel E24 wordt gewijzigd als volgt: In het eerste lid wordt tussen de woorden «toegekend op grond van dezelfde ziekten of gebreken als» en «uit hoofde waarvan» ingevoegd het woord: die.

Y. Ingevoegd wordt een nieuw artikel E26, luidende:

Artikel E26 Aanvulling uitkering Ziektewet

1. De belanghebbende in de zin van artikel A1, onder c, die geen ambtenaar is in de zin van de pensioenwet, ontvangt in geval van ziekte tijdens de duur van zijn dienstverband, indien en zolang hij aanspraak heeft op een uitkering krachtens de Ziektewet, op die uitkering een aanvulling tot zijn volle bezoldiging. 2. Zolang de uitkering krachtens de Ziektewet niet is aangevangen behoudt de belanghebbende bedoeld in het eerste lid zijn aanspraak op zijn volle bezoldiging, tenzij hij in verband met het bepaalde in artikel 44 van de Ziektewet geen aanspraak kan maken op een uitkering krachtens die wet. 3. Het bepaalde in artikel E23 is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de belanghebbende bedoeld in het eerste lid.

Z. Toegevoegd wordt een nieuw artikel E27, luidende:

Artikel E27 Slotbepaling

1. In gevallen waarin dit hoofdstuk niet of niet naar billijkheid voorziet, beslist Onze minister. 2. Onze minister geeft nadere richtlijnen ter uitvoering van dit hoofdstuk.

AA. Hoofdstuk F wordt gelezen als volgt:

HOOFDSTUK F

Uitkering bij overlijden

Artikel F1 Begripsbepalingen

Tenzij uitdrukkelijk anders bepaald, wordt in dit hoofdstuk verstaan onder:

a. «overledene»: hij, die op de dag van zijn overlijden 1. belanghebbende was in de zin van artikel A1; 2. gewezen belanghebbende was en een wachtgeld, een lange of een korte uitkering, een uitkering als bedoeld in artikel H17 genoot, dan wel 3. gewezen belanghebbende was en in het genot was van zijn laatstelijk genoten bezoldiging of van een uitkering overeenkomstig de normen van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering als bedoeld in artikel E19, vierde lid. b. «uitkeringsbasis»: 1. in het geval, bedoeld onder a sub 1: de bezoldiging, berekend naar de dag van overlijden, vermeerderd met de kindertoelage, toegekend ingevolge de kindertoelageregeling overheidspersoneel en de kinderbijslag, toegekend ingevolge de Algemene kinderbijslagwet en vermeerderd met het bedrag van de vakantie-uitkering, berekend over een maand;