is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 271-310, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a. bestaat uit het verlies van twee of meer ledematen, b. bestaat uit het totale verlies van het gezichtsvermogen in beide ogen dan wel uit een toestand, welke met blindheid is gelijk te stellen, c. 100 percent bedraagt en daling van dit percentage voor de toekomst niet aannemelijk wordt geacht, d. bestaat uit onbruikbaarheid van twee of meer ledematen dan wel uit een toestand, welke met een zodanige onbruikbaarheid is gelijkte stellen, en de feiten of omstandigheden, welke oorzaak zijn van die invaliditeit, zich hebben voorgedaan tijdens de diensttijd, welke is geëindigd door het ontslag ter zake waarvan bedoeld pensioen is toegekend. 2. Voor een gepensioneerde, die recht heeft op een bijzondere invaliditeitsverhoging, als bedoeld in het vorige lid, bestaat verder geen recht op een zodanige verhoging. 3. Voor de toepassing van dit artikel wordt: a. onder ledematen begrepen handen of voeten; b. een naar aard met de bijzondere invaliditeitsverhoging, bedoeld in het eerste lid, overeenkomende verhoging van een pensioen, waarop krachtens een vroegere militaire pensioenwet recht bestaat, aangemerkt als een bijzondere invaliditeitsverhoging, als bedoeld in het eerste lid.

Artikel E 10

1. De beroepsmilitair, die recht heeft op een pensioen, voor de berekening waarvan een voor pensioen geldige diensttijd van 40 jaar of meer in aanmerking wordt genomen, heeft behalve op dat pensioen recht op een tropenverhoging, indien hij tijd heeft doorgebracht in militaire dienst, welke krachtens artikel D 3 wordt dubbel geteld. 2. Bij de vaststelling van de voor pensioen geldige diensttijd, bedoeld in het vorige lid, zijn artikel D 3, de daarmede overeenkomende bepaling in andere wetten, en artikel D 4 niet van toepassing, terwijl niet medetelt de voor pensioen geldige diensttijd, bedoeld in artikel F 1, tweede lid onder a, c en e. 3. De reservist, die recht heeft op een pensioen, voor de berekening waarvan een voor pensioen geldige diensttijd doorgebracht in werkelijke dienst van 40 jaren of meer in aanmerking wordt genomen, heeft behalve op dat pensioen recht op een tropenverhoging, indien hij tijd heeft doorgebracht in militaire dienst, welke krachtens artikel D 3 wordt dubbel geteld. 4. Bij de vaststelling van de voor pensioen geldige diensttijd, bedoeld in het vorige lid, zijn de artikelen D 3 en D 4 niet van toepassing, terwijl niet medetelt de voor pensioen geldige diensttijd, bedoeld in artikel F 1, tweede lid onder a. 5. Bij een diensttijd, als omschreven in de aanhef van het eerste lid en vastgesteld overeenkomstig het tweede lid, alsmede bij een diensttijd, als omschreven in de aanhef van het van het derde lid en vastgesteld overeenkomstig het vorige lid, beide van minder dan 40 jaren, bestaat, indien ten gevolge van dubbeltelling krachtens artikel D 3 van tijd doorgebracht in militaire dienst een diensttijd van 40 jaren wordt overschreden, eveneens recht op een tropenverhoging.

Artikel E 11

1. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder invaliditeit met dienstverband verstaan een invaliditeit ten gevolge van: a. verwonding, ziekten of gebreken, welke zijn veroorzaakt door de uitoefening van de militaire dienst, b. ziekten of gebreken, welke het gevolg zijn van verrichtingen of vermoeienissen aan de uitoefening van de militaire dienst verbonden, of van bijzondere omstandigheden, welke zich bij de uitoefening van die dienst hebben voorgedaan, dan wel welke tot uiting zijn gekomen onder overwegende invloed van die verrichtingen, vermoeienissen of bijzondere omstandigheden,