is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 311-325, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nistratieve handelingen en willekeurige toerekening over de functies te vermijden is voor die lasten/baten een oneigenlijke functie in de begroting en rekening opgenomen. Verdeling van die lasten/baten over de onderscheidene functionele posten van de begroting is dan ook niet toegestaan. Ten aanzien van de posten wordt nog opgemerkt dat behoort tot:

0000 4 bijdrage aan de verdeeldienst - vergoeding voor gebruik van overtollige langlopende financieringsmiddelen 0000 5 rente over te verdelen rijksuitkeringen - vergoeding(en) ten gunste van de uitkeringen krachtens de Wet Uitkeringen Wegen (tegenpost 13012) - vergoeding(en) ten gunste van de uitkeringen ten behoeve van waterschappen (tegenpost 14102) 1000 4 bijdrage van de verdeeldienst - vergoeding voor gebruik van kasgeld(en) voor de financiering van kapitaaluitgaven Paragraaf 1, Beleggingen Op deze paragraaf dienen de lasten en baten voortvloeiende uit het beheer van een effectenportefeuille uit hoofde van beleggingen te worden verantwoord. Hiertoe worden derhalve niet gerekend de beleggingen van overtollige kasmiddelen (paragraaf 0, Kasvoorzieningen). Ten aanzien van de posten wordt nog opgemerkt dat behoort tot: 10101 rente en dividenden van effecten - rente en dividenden van obligaties, pandbrieven, e.d. - dividenden, winstaandelen, rente-aandelen, etc. - terugontvangen dividendbelasting

Paragraaf 2, Algemene dekkingsmiddelen

Naast de posten voor de raming en verantwoording van de algemene dekkingsmiddelen zijn in deze paragraaf twee posten opgenomen, die nog enige toelichting behoeven te weten de posten 1020 5 en 1020 6. De post 1020 5, bijdrage van de verdeeldienst bevat de raming van alle toegerekende bespaarde rente-ten laste van de verdeeldienst-wegens aanwending als financieringsmiddel van de reserves, fondsen en afkoopsommen. Toevoeging daarvan aan de reserves etc. geschiedt via de post 0020 5, toevoeging aan reserves, fondsen en afkoopsommen. Het verschil tussen de bedragen van deze twee posten is aan te merken als algemeen dekkingsmiddel.

Deze wijze van ramen/verantwoorden houdt in, dat het aanwenden van de bespaarde rente van de reserves, fondsen en afkoopsommen ten gunste van andere functionele posten dan de onderhavige steeds zal dienen te geschieden door een beschikking over de desbetreffende reserves, fondsen en afkoopsommen.

De post 1020 6, Bijdrage van de kapitaaldienst wegens beschikking over ............, dient uitsluitend om de beschikking over de saldireserve of overige algemene reserves tot uitdrukking te brengen. Een dergelijke raming dient voor het sluitend maken van de begroting.

Paragraaf 3, Onvoorziene uitgaven

Deze paragraaf bevat slechts twee uitgaafposten. Daarvan dient de post voor onvoorziene uitgaven te worden aangemerkt als een «algemene reserve» van de gewone dienst voor het desbetreffende begrotingsjaar. Ten laste