is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad van de Nederlandsche Vereeniging van Staatsburgeressen, jrg 14, 1929-1930, no 5, 15-05-1930

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weerstreeft en inzonderheid voor de ware rechten (i ^ vrouw in-gevaarlijk zou zijn. De Stundaatd verheugt ,!ch dan ook dat genoemde bepaling werd weggenomen. — j Wetsontwerp won er door. —

11 de Groene van 26 April jl. bekijkt F.(rans) C.(oenen) de van een anderen kant: wij citeeren o.a.: ,,De man l' nqg yqqj- zeggen. En wat zei de Man? Een Vrouw

niet optreden bij brand en oproer, dat was t wat hij V1- Alsof de Vrouw dan onvermijdelijk meepompen en ®echargeeren moest. Zou de heer Ruys in zijn ambtelijk I1 Privaat leven nooit forsche, autoritaire vrouwen en 'eterjge burgemeestertjes ontmoet hebben, als specimina yin de Vrouw en den Man? En weet hij niet, dat deze en rijer^e''jke ambten in minder pietluttige landen al jaren 3' °or vrouwen worden waargenomen, tot oirbaar van t geeen?" En verder naar aanleiding van de te vreezen over";tlaat van hoffelijkheid: „De Maatschappij en de Staat zijn l£ °ch geen instellingen tot bescherming van verleidbare e' lannen? Maar al deze redeneeringen van Jan Kalebas zijn e"( aar doekjes voor 't bloeden van mannelijke ijdelheid en . °ncurrentienijd. Alles om nog zoo lang mogelijk uit te Ê.: elIen, wat sedert lang op gang en onvermijdelijk is: de e °"edige emancipatie der vrouw, die zelf wel beslissen zal , ^ zij kan en niet kan."

;e & Het Volk zegt: „Werkelijk, het lijkt raar. Heeft minister r uys soms niet willen schrijven, dat de vrouw den man onderlig behoort te zijn en daarom niet over mannen moet evelen? Wij weten niet, of de minister zoo denkt, maar eker denken zoo velen ter rechterzijde en dit is dan ook de eigenlijke reden waarom de bepaling geschrapt is. j ^stemming in de coalitie vermijden dat is het beginsel , 3tl alle extra-parlementaire wijsheid."

' , öe Prov. Groninger is vooral verstoord over de niet'l ietl°embaarheid tot gemeentesecretaris: „Waarom," zegt , ^ blad, „een vrouw wèl geschikt is b.v. hoogleeraar te / Jn een belangrijke post op een departement kan be^ 6eden, waarom zij wel in staat wordt geacht advocate of " en niet om gemeentesecretaris te zijn, is ons voor al nog J ^ raadsel, tot welks oplossing het ministerieele antwoord ,U haut de sa grandeur al zeer weinig bijdraagt. Wij zouden :^arne aan dit huidige antwoord een gemotiveerde uitweiding ^ t>en zien toegevoegd."

t\^Pe Telegraaf pikt het heel aardig in, zij laat de vrouwen p J spreken, met Telegraafsgewijs haar portretten erbij, j ^ Preekt Mevr. Bakker—v. Bosse: „In de oorlogsjaren i( ^ ^n tal van vrouwen in Frankrijk het burgemeesterschap j, ^argenomen. Het kan best waar zijn dat de vrouwen als ft mf1 ongeschikt zijn, maar er zijn uitzonderingen voor wie Zeker niet geldt. Hoeveel mannen voldoen aan de eischen? J et is een de vrouwen prikkelend en kleinzielig besluit." | [>. evr- Wijnaendts Francken meende: „Van minister jj Was niet anders te verwachten. Toont Engeland niet i t0nar^Oe vrouwen in staat zijn? In groote steden als Southampi' en Liverpool heeft men vrouwelijke burgemeesters i ^'ss Bevan, burgemeester van Liverpool, wist in

t Ver etl tijd een geheel andere sfeer te scheppen en nam tot [i y^'Uende belangrijke aangelegenheden het initiatief. En f v^«n er geen vrouwen geweest zijn die b.v. als gouverneur ' ("Uraf ao meer physieken moed hadden getoond dan ex• ertleur Fruytier? De geschiedenis kent trouwens talrijke \^en met grooten persoonlijken moed. De vrouwen 6,1 ook uit dit geval maar weer leering trekken.

Mevr. Ketelaar—v. Goch: „Ik vind het terugnemen van de bewuste bepaling onbillijk en onrechtvaardig tegenover de vrouw," terwijl „Waar het erom gaat functies die tot nu toe alleen door mannen werden bekleed ook voor vrouwen open te stellen men steeds nog stuit op bezwaren en overwegingen die in onze gewijzigde samenleving niet meer op hun plaats zijn."

Juffrouw Manus spreekt over het adres der Ned. Ver. van Staatsburgeressen Mei 1928 „waarin erop gewezen werd, dat voor een dergelijke uitsluiting geen reden is en aangedrongen werd op het schrappen van deze bepaling nu man en vrouw op elk gebied samenwerken." en voegt erbij: „In 1927 was Frau Weyl waarnemend burgemeester van Berlijn en in Zaandam heeft een der vrouwelijke wethouders ook tijdelijk dit ambt waargenomen en het is alom bekend, dat zij zich bij een zwaren brand meesterlijk heeft gedragen. Dank zij haar optreden kregen de kinderen uit het brandend huis een goede schuilplaats."

En ten slotte schrijft de Hr. E. M. Teenstra in de Vrijheid: „Door het terugnemen van de bepalingen in de wijziging der Gemeentewet, waarbij ook vrouwen benoembaar werden tot burgemeester en tot secretaris wijst de Hr. Ruys de Beerenbrouck de medewerking der linkerzijde af."

De volgende keer vermelden we hoe het pleit toch gewonnen werd in de Tweede Kamer!

NOTULEN

van de algemeene vergadering van de Ned. Ver. v. Staatsburgeressen op Zaterdag 3 Mei 1930 te 10 u. v.m. in de Vrouwenclub Keizersgracht 580 Amsterdam.

Aanwezig de HB.-leden: Mw. Cohen Vervaert, pres.te, Mr.

M. Goedhart, secr.sse, C. Meyers, penningm.sse, v. d. Hoeve

Bakker, Manus, Mvr. Rietvelt—Wagemaker, Groot, Mr. Gey. v. Pittius, adm.rice., Polak—Kiek, Dr. v. d. Pijl, Mr. Bakker—Nort.

Aanwezig de afgevaardigden van de afdeelingen: Alkmaar, Amersfoort, A'dam, Apeldoorn, Arnhem, Deventer, Enkhuijzen Den Haag, Haarlem, Leeuwarden, Leiden Maarssen, Purmerend, R'dam, Utrecht, Voorburg, Zwolle, Eindhoven.

Afwezig de afgevaardigden van de afdeelingen: Groningen, Sneek, Wageningen en Winschoten.

Aanwezig de correspondenten van: Beemster, Hilversum en Nijmegen.

Om 11 u. v.m. opent de pres.te Mw. Cohen Tervaert —Israëls de vergadering met een woord van welkom; haar openingsrede zal vanmiddag uitgesproken worden, daar verscheidene leden er nog niet zijn.

De notulencommissie verklaart bij monde van Mw. v. Braam—Tergau dat de notulen van de vorige algemeene vergadering door haar goedgekeurd zijn, waarna ze worden gearresteerd met dank aan de secretares.

Tot leden van de notulencommissie van deze vergadering worden benoemd: de dames v. Vriesland en Eygenhuijsen met pl. v. resp.: Roos—Vos en Schwier. Voor de commissie van stemopname worden gekozen: Mw.Adelaar—Fürth,Hartog—Plaut en Hingman—Dobberke.

Bij mededeelingen en ingekomen stukken wekt Mej. Manus op tot krachtige actie voor het comité herdenking Dr. Jacobs, Mw. v. d. Hoeve—Bakker voegt hieraan toe, dat de afgevaardigden, thuisgekomen, zouden kunnen voorstellen aan