is toegevoegd aan je favorieten.

Vrouw en gemeenschap; maandblad van de Nederlandsche Vereeniging voor Vrouwenbelangen en Gelijk Staatsburgerschap, jrg 1, 1930, no 2, 15-08-1930

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZAKENVROUWEN.

Onlangs heeft mej. Clara Meyers, directrice van het bijkantoor te Amsterdam voor Vrouwelijke cliënten der Rotterdamsche Bankvereeniging, in het Weekblad „de Zakenwereld" in een artikel „wat in het Buitenland door de Vrouw als Zakenvrouw bereikt is" o.a. de aandacht gevestigd op de beroepen in Amerika, waar de vrouw eene vooraanstaande plaats inneemt en die wij in Holland nauwelijks kennen.

Zij vertelt van Mrs. Ruby Lee Minar, de Presidente der American federation of Soroptimist Clubs, hoe deze hare loopbaan begonnen is als leerares aan eene staats-normaalschool in „public speaking", maar na eenige jaren zich in den handel begaf, eerst eene betrekking als saleslady aannam bij eene groote makelaarsfirma te Washington en toen zij het vak genoeg kende, begon te handelen in „real estate". Zij kocht in de nabijheid van Washington groote terreinen op en bouwde er eene tuinstad. Hare zaken namen steeds in omvang toe en thans is Mrs. Ruby Lee Minar presidente van een der machtigste real-estate concerns in Washington, lid van het Bestuur van de Kamer van Koophandel van Arlington County, commissaris van de Peoples State Bank, Cherry Dale, en heeft zich een groot vermogen verworven.

In Amerika is bijna geen tak van handel en industrie, welke niet door eene vrouw vertegenwoordigd is. Bijna alle groote banken in Amerika hebben een ladies-department, eene afdeeling voor de vrouwelijke clientèle met eene vrouw aan het hoofd. De Association of Bank-women, waarvan slechts vrouwen lid mogen zijn, die bij eene spaarbank, eene trustmaatschappij of eene staatsbank eene leidende positie hebben, telde in 1924 reeds ongeveer 100 leden.

Ook in Europeesche landen nemen, zoo vertelt mej. Meyers, de vrouwen eene andere plaats in de zakenwereld in dan in Nederland.

Zoo is in Glasgow een jong meisje haren vader opgevolgd als directeur eener kolenmijn, worden de Honywoodhotels in Londen, waaronder het groote Washington hotel, door Lady Honywood gedreven; is een der beste tea-tasters in Londen eene vrouw en staat daar aan het hoofd van een der meest bekende sigarettenfabrieken eene dame. In Italië zit in de directie van de bekende „Soies de Chatillon" een vrouwelijke doctor in de chemie.

Mej. Meyers heeft slechts een greep gedaan uit de haar ten dienste staande gegevens.

L. K. v. d. C.

DE LANDDAG

Onze feestdag op Wassenaar is schitterend geslaagd, dat kunnen wij dankbaar constateeren.

Toen den geheelen Vrijdag de piasbuien neerstortten, zoo zelfs, dat ze hier en daar het verkeer belemmerden, hielden we ons hart vast en zeiden al tegen elkaar: in Nederland kun je eigenlijk geen buitenfeest organiseeren, 't weer is veel te ongestadig. Maar ziet, Zaterdagmorgen was het droog en frisch en de barometer steeg voortdurend.

En toen we om half elf het groote hek binnengingen na onze handteekening te hebben gezet en een geel- en wit strikje van de Haagsche jongedames in ontvangst te hebben genomen, gluurden de eerste zonnestralen door het zware bladerdak boven ons hoofd.

Op zij van den rijweg stond de groote tent, klaar om bij regenweer zich over de feestgenooten te ontfermen, met planten en groen getooid.

Een wijze voorzorgsmaatregel, maar ik hoop toch, dat we je diensten niet noodig hebben, dacht ik in 't voorbijgaan.

De vroolijke lichte muziek wees ons den weg naar de plaats van samenkomst. En daar, op het wijde grasveld, stonden overal gezellige tafeltjes waaraan reeds vele gasten waren gezeten, steeds meerdere kwamen.

Onze gastvrouw, die van het begin tot het einde tegenwoordig was en voortdurend actief zich voor alles interesseerde, ontving iedere aankomende groep met een hartelijk woord.

Verschillende vooraanstaande vrouwen uit den Haag en elders mochten wij onder de bezoekers tellen, o. a. deechtgenoote van den burgemeester van den Haag, mevr. E. Patyn— de Brauw,de 82-jarige mevr. Rutgers—Hoitsema, mej,Johanna Naber, mej. Baade, inw. Midderig—Bokhorst en nogveel meer. Ook onze gastheer was den geheelen morgen aanwezig. Nadat de bezoekers verkwikt waren met een heerlijk kopje koffie of chocolade en ieder was uitgerust van de wandeling door de bekoorlijke laan van Rust en Vreugd van af de tramhalte naar huize Wiltzangk,, terwijl de muzikanten in Marker costuum, een schilderachtig groepje onder de groote tuinparasol, hunne lichte, tinkelende wijsjes, hunne sonore mannenstemmen vroolijk en toch niet opdringerig als een beschaafde en plezante begeleiding van de gesprekken en begroetingen hadden laten hooren, werd het sein gegeven, naar het spreekterrein te gaan. Het prachtige park van den Heer en Mevrouw van den Bergh lijkt wel speciaal aangelegd voor openluchtbijeenkomsten Op weer een ander grasveld, door bloeiende heesters tot een rustige beslotenheid afgescheiden van de andere terreinen, een witte, met rozen begroeide koepel, waarin vaag een Flora of Diana schemerde, op den achtergrond stond het spreekgestoelte.

De vele rijen stoelen waren spoedig ingenomen door een aandachtig publiek.

De presidente der nieuwe Vereeniging, inw Bakker—van Bosse, sprak een woord van welkom.

Doch over wat er gesproken is, zal een ander lid U vertellen. Voor mij, voor alle leden van de vroegere Ver. v. Staatsburgeressen, ik denk wel voor alle aanwezigen, was het een ontroerend moment, toen onze gastvrouw met enkele hartelijke, eerbiedige woorden de herinnering opriep aan Dr. Jacobs en haar lief, rustig gelaat ons van het portret tegemoet zag.

Ik heb dat portret van- Dr. Jacobs met die in de schoot samengevouwen handen altijd te geresigneerd gevonden om een werkelijk goed beeld te zijn van hare sterke, vurige, nimmer rustende persoonlijkheid.

Maar nu trof het me toch bizonder.

„Ik heb mijn werk gedaan, de taak rust nu op U allen" dat scheen dat portret ons zoo vertrouwensvol te zeggen.

Zusters, laten wij het ons betoonde vertrouwen niet beschamen!

En na de spreeksters hield professor Rebus, de groote goochelaar, aller aandacht gevangen.

Onder allerlei oolijke kwinkslagen, in een grappig gebroken Duitsch-Hollandsch (op zichzelf al een prestatie voor een volbloed Amsterdammer) haalde hij allerlei voor ons totaal onbegrijpelijke kunststukjes uit.

In ieder mensch, hoe oud en bezadigd hij ook wordt, blijft altijd nog iets van het kind: geheel geboeid zaten we allen