is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 6, 1911, no 12, 30-12-1911

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aanbiedingen Aanvragen Aanvragen

van door op

werknemers. werkgevers. 100 aanbiedingen.

October 1911 ... 8 924 5 478 61,39

November 1911 . . . 8 843 4 500 50,89

Eveneens blijkt uit onderstaande cijfers dat, in verhouding tot het aantal aanbiedingen van werknemers, in November minder plaatsingen tot stand kwamen.

Aanbiedingen Plaatsingen

van op

werknemers. Plaatsingen. 100 aanbiedingen.

October 1911 ... 8924 3582 40,14

November 1911 . . . 8 843 3 116 35,24

Slechts bij de beurzen te Arnhem, Gouda, 's-Hertogenbosch, Utrecht en Zwolle was de verhouding gunstiger, bij alle overige beurzen ongunstiger dan in de vorige maand.

Bij vergelijking van onderstaande cijfers, betrekking hebbende op de maanden November 1911 en November 1910, blijkt dat de arbeidsgelegenheid thans gunstiger was.

Aanbiedingen Aanvragen Aanvragen

van door op

werknemers. werkgevers. 100 aanbiedingen.

November 1910. . . 9110 3 873 42,51

November 1911 . . . 8843 4 500 50,89

Bij de beurzen te Delft, Haarlem, Maastricht en Venlo was de verhouding tusschen vraag en aanbod in November 1911 ongunstiger dan in November 1910, bij alle overige beurzen daarentegen gunstiger.

Eveneens kwamen in November 1911 in verhouding tot het aantal aanbiedingen van werknemers meer plaatsingen tot stand dan in November 1910, hetgeen uit de volgende cijfers blijkt.

Aanbiedingen Plaatsingen

van op

werknemers. Plaatsingen. 100 aanbiedingen.

November 1910. . . 9110 2 650 29,09

November 1911 . . . 8 843 3116 35,24

Bij de beurzen te Delft, Haarlem, Leeuwarden, Maastricht en Venlo was de verhouding ongunstiger, bij de overige beurzen gunstiger dan in November 1910.

Door de Nederlandsche Arbeidsbeurs te Oberhausen werden in November de volgende nieuwe aanvragen aan de Vereeniging van Nederlandsche Arbeidsbeurzen toegezonden.

Te Altendorf konden evenals in de vorige maand weder 15 mijnwerkers (grondwerkers) geplaatst worden (zie afl. 11, 1911, bladz. 693). Deze personen moeten kerngezond zijn en gewoon met de schop te werken, daar zij anders voor steenkolenwerk niet geschikt zijn.

Te Carnap kon nu en dan nog een flinke mijnarbeider geplaatst worden, tegen een minimumloon van 3,70 M. per dag, bij een arbeidsduur van 12 uren en een rusttijd van 2 uren.

Te Frentrop werden voor vast gevraagd 20 grondwerkers voor den aanleg van een spoorbaan. Bij gebleken geschiktheid zou het loon 38—42 pfg. per uur bedragen, 's Zomers is de werktijd 11 uren.

Te Hamburg werden timmerlieden gevraagd. Betreffende loon en arbeidsduur werden geen nadere gegevens ontvangen.

Te Lehe konden 70 a 80 grondwerkers voor havenarbeid geplaatst worden, tegen een loon van 42—45 pfg. per uur en een arbeidsduur van 10 uren. De duur van het werk is + 3 a 4 maanden. De werklieden moeten gewoon zijn in veengrond te werken met laarzen aan. Schoppen moeten worden medegebracht.