is toegevoegd aan je favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 7, 1912, no 8, 31-08-1912

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn, als de stand van het na te melden speciale fonds voor ouderdomspensionneering toelaat het bedrag dier premie af te nemen van de stortingen der patroons voor dat fonds.

De subsidie van den Staat zal voor alle verzekerden 4 fr. per jaar en per persoon bedragen. Zij wordt verleend aan de districtsraden of de federale kassen op nader bij koninklijk besluit vast te stellen voorwaarden.

De ouderdomsverzekering zal geschieden bij de Algemeene Pensioenkas (Caisse générale de retraite) door tusschenkQmst van de erkende gewone en federale kassen. Deze zijn verplicht haar leden kaarten te verstrekken, welke elke 3 maanden door dezen aan hun patroons moeten worden ter hand gesteld. Geschiedt dit niet, dan is de werkgever evenals bij de ziekteverzekering verantwoordelijk voor de inning en het afdragen der verplichte bijdragen.

De premie der arbeiders zal 6 fr. bedragen. Voor vrouwen, werklieden beneden 15 jaar en alle arbeiders, die kunnen bewijzen dat zij minder dan 15 fr. per week verdienen, kan zij op hun verzoek op 3 fr. worden gesteld. Geheel vrijgesteld van premiebetaling zijn allen, die ouder dan 65 jaar zijn en zij, die ingevolge de wet van 5 Juni 1911 op de mijnwerkerspensioenen zijn gepensionneerd.

De werkgevers zullen alleen tot en met 1935 voor eiken bij hen in dienst zijnden werkman 6 fr. per jaar behoeven te storten voor een speciaal fonds voor ouderdomspensionneering. ,

De subsidie van den Staat zal worden vastgesteld overeenkomstig de wetten van 10 Mei 1900 en 5 Juni 1911. Verder zullen door den Staat tot en met 1935 subsidies worden verleend aan de federale kassen, die tijdelijk een speciale kas hebben opgericht voor een jaarlijksche toelage aan haar vóór 1871 geboren leden. Deze subsidies behooren evenredig te zijn aan de premies der leden.

Canada.

Arbeidersorganisatie. ')

(L'organisation ouvrière.)

Volgens de onlangs gepubliceerde uitkomsten van een door het Labour Department ingesteld onderzoek bestaan in Canada 1 741 plaatselijke vakvereenigingen, waarvan er 1531 aangesloten zijn bij internationale en 210 bij nationale centrale bonden. Provinciegewijze komen de meeste voor in Ontario (700) en vervolgens in Britsch-Columbië (234) en Quebec (205), plaatsgewijze resp. in Toronto (105), Montreal (95), Winnipeg (79) en Vancouver (76). De vakorganisatie ontwikkelde zich het sterkst in de westelijke steden. In het geheel zijn 133 132 werklieden, d. i. 2 pCt. der totale bevolking, georganiseerd. Daarvan zijn er 119 415 aangesloten bij internationale bonden, welke te zamen 27 418 vereenigingen en 2 340 865 leden tellen. Volgens de ontvangen gegevens bedraagt het ledental der bij de nationale bonden aangesloten vereenigingen 13 717, welk aantal in»werkelijkheid zonder twijfel grooter is.

Duitschland.

(Allemagne.)

De arbeidersorganisatie gedurende 1911. 2) ^

0L'organisation ouvrière pendant 1911.)

Het volgende staatje geeft een overzicht van het ledental der Duitsche arbeidersorganisaties in 1910 en 1911 en van hare financiën in 1911.

') Labour Gazette van Canada van Juni 1912.

2) Statistische Beilage no. 7 van liet Correspondenzblatt der Generalkommission der Gewerkschaften Deutschlands, 1912, no. 32. Zie voor 1910 afl. 9, 1911, bladz. 611.