is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 19, 1924, no 8, 30-09-1924

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aangaande de vakbeweging' onder de intellectueelen valt te vermelden, dat in Rusland onlangs een nieuw Verbond werd opgericht als onderdeel van de organisatie voor het onderwijs. In 1921 werd de toenmalige Bond van Intellectueelen door de overheid ontbonden, onder beschuldiging een politiek centrum van tegenstanders van het communisme te zijn. ') Het Verbond van Intellectueelen in Frankrijk heeft vertegenwoordiging in den Hoogen Raad van Arbeid gevraagd. Men verlangt evenveel vertegenwoordigers als werkgevers en arbeiders. 2)

Met betrekking tot de patroonsvakbeweging zij medegedeeld, dat in Duitschland onder invloed van nationalistische propaganda een nieuwe organisatie werd gesticht de Duitsche Industrieelen-Vereeniging, naast het bestaande Rijksverbond voor de Duitsche Industrie, de centrale voor de behartiging van de economische belangen der patroons. 3)

Arj!<!orip"°rmaaï:n"ó Ook ditmaal wijzen de berichten uit het buitenland op een streven land, Duitschland" naar loönsverhooging bij de werknemers, terwijl, zooals b.v. in Duitschperheidsdienst in61 huid, de werkgevers daartegenover den eisch van loonsverlaging en (of) Duitschland,S Frank- van verlenging van den arbeidsduur stellen, om hun productiekosten te r:' °°neH^k'io?nen vermin(-'ereu en hun afzetmogelijkheden te vergrooten. Soms werd, zooals fn "(merika?6' oonen in het Engelsche mijnbedrijf, overeenstemming bereikt na langdurige onderhandelingen, in andere gevallen weer, zooals bij de mijnen in het Roergebied, na heftigen strijd.

Wederom overtrof in Engeland het totaal der loonsverhoogingen dat der verlagingen: werden in April j.1. de loonen van bijna 230 000 werklieden (w.o. 108 000 in de metaalindustrie) in totaal met £ 26 000 per week verhoogd, voor Mei en Juni luidden deze cijfers resp. 1350 000 (o.a. 1173 000 mijnwerkers), 595 000 (steenindustrie, chemische bedrijven, metaalindustrie, scheepsbouw, transportbedrijven) en £ 275 000, £ 103 000. Daartegenover werd het loon van 90 000, 45 000 en 191000 werklieden (mijnen, textielbedrijven, metaalindustrie en scheepsbouwnijverheid) in de drie overeenkomstige maanden verlaagd resp. met £ 3 800, £ 3 700 en £ 11100. Ook voor de eerste 6 maanden van 1924 blijkt, dat — in tegenstelling met de overeenkomstige periode van 1923, toen de verlagingen de verhoogingen belangrijk overtroffen — het bedrag ider verhoogingen' en het daarbij betrokken aantal arbeiders dat der verlagingen1 aanzienlijk te boven ging'.

Daarenboven werden nog veel eischen! tot loonsverhooging gesteld: zoö o.a. door de bankwerkers, metaalarbeiders, in den machinebouw en door de electriciens te Londen. In de bouwbedrijven leidde dit tot moeilijkheden van ernstigen aarid: de arbeiders eischten n.1. een verhooging met 2 d. per uur, terwijl de patroons Zz d. wilden toestaan. Bij een referendum, onder de bouwvakarbeiders over het geheele land gebonden,

werd dit aanbod verworpen, waarop de werkgevers een onmiddellijke: verhooging van 1 d. per uur tot 1 Januari 1925 voorstelden, terwijl de overeenkomst alsdan herzien zou worden en de loonen gestabiliseerd zouden worden op 20 d. per uur Voor de steden der 1ste klasse met verlagingen van Zz d. voor elke daling van het indexcijfer van de kosten van levensonderhoud met 11 punten. Hoewel ten deze tussehen de vertegenwoordigers van partijen overeenstemming bereikt werd, weigerden de leden der vakbonden deze overeenkomst te aanvaarden, hetgeen ten slotte tot eeu uitsluiting geleid heeft. 4)

In het mijnbedrijf werd echter na lange onderhandelingen overeen- V, stemming ten aanzien van de arbeidsvoorwaarden bereikt. Krachtens de nieuwe overeenkomst, welke Voor minstens een jaar zal gelden, te rekenen vanaf 1 Mei j.1., en nadien met inachtneming van een opzeggingstermijn van een maand door elk der beide partijen beëindigd kan1 woiiden, zullen de standaardwinsten 15 pCt. (i.pl.v. 17 pCt.) van de standaardloonen bedragen; het aandeel der arbeiders in de overwinst, tot nu toe 83 pCt., is gebracht op 88 pCt., terwijl het minimum-loon met 33'/n pCt. verhoogd is. De loonen der slechtst betaalde arbeiders zijn met 12'/2 pCt. opgeslagen, terwijl verder bepaald is, dat hun loon niet mag dalen beneden een be-

1) Informations sociales van 16 Juni 1924.

2) L'information sociale van 29 Mei 1924.

3) Frankfurter Zeitung van 5 en 10 Juni 1924.

4; Zie Labour Gazette, Juli 1924; Manchester Guardian, 12 April en 16 Mei 1924.