is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor volkshuisvesting; orgaan van het Nederlandsch Instituut voor Volkshuisvesting en den Nationalen Woningraad, jrg 15, 1934, no 5, 1934

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MEMORIE VAN ANTWOORD

§ 13. De Regeering zal tot verlaging van huren medewerken door in samenwerking met de gemeente zoowel den bouw van goedkoope arbeiderswoningen te bevorderen, als huren van bestaande woningen, waarvoor Rijk en gemeente samen, dan wel de gemeente alleen het risico loopt, te verlagen. Met de besturen der twee grootste gemeenten is de Regeering ter zake bereids in onderhandeling.

Ontwerp van Fahrenkamp, Blume, Heinicke, Herbeck, Jenny Pitzer, Schmidt en Winkelman (Dusseldorf)

Wat den nieuwbouw betreft, zal deze samenwerking tusschen het Rijk en de gemeente verkregen moeten worden, doordat van Rijkswege een nieuwe tweede-hypotheekregeling in het leven wordt geroepen, terwijl de gemeente geschikt bouwterrein zal moeten leveren tegen aannemelijke prijzen en ook op ander gebied tot verlaging der kosten zal moeten medewerken. Het Werkfonds zal daarbij zijn bemiddeling kunnen verkenen om tot verlaging der bouwkosten te geraken. Een en ander zal uiteraard gepaard moeten gaan met waarborgen tegen huuropdrijving.

Wat de bestaande woningen betreft, zal de huurverlaging voor bepaalde complexen verkregen moeten worden, doordat het Rijk zich verbindt mede te werken tot renteverlaging voor de verleende voopchotten en voorts om met de gemeente samen het reëele exploitatieverlies te dragen, terwijl de gemeente harerzijds de noodige medewerking zal moeten verkenen om tot een aannemelijke verlaging van de op deze complexen drutóende lasten te komen. Voorts zal een regeling moeten worden gemaakt, welke waarborgt, dat deze goedkoope woningen worden toegewezen aan arbeiders met de laagste inkomens.

De Regeering verwacht, dat op deze wijze de markt van goedkoope woningen geleidelijk kan worden uitgebreid, naarmate de fmanciëele omstandigheden dit zullen toelaten.

HET WETSONTWERP TOT HERZIENING DER WONINGWET IN DE TWEEDE KAMER

Nadat in de vergadering van i Maart de beraadslaging over

het wetsontwerp naar aanleiding van de aanneming van een ametidement-Vliegen was aangehouden en een wijzigingsontwerp was ingediend (zie ons Maart-nummer), werd de beraadslaging op 28 Mprt hervat en tot een einde gebracht.

Het wijzigmgsontwerp stelde in de plaats van het goedkeuringsrecht van dp Minister op besluiten van gemeentebesturen tot steunverleening voor woningbouw voor de goedkeuring van Ged. Staten te handhaven, maar geeft aan den inspecteur de bevoegdheid bezwaren bi)’ Ged. Staten in te dienen en van hun besluit in beroep te komen bij de Kroon, waarvan hij kennis heeft te geven aan B. en W. der betrokken gemeente.

Aan staatsrechtelijke bedenkingen is op deze wijze tegemoet gekomen. Of ondertusschen in praktijk tusschen de vroeger voorgestelde en door de aanneming van het amendement-Vliegen verworpen regeling en de nieuw Voorgeslagene veel verschil zal bestaan, er is reden daarin te twijfelen. Immers de inspecteur, orgaan van het staatstoezicht, dat den Minister volgens het aanvankelijk ontwerp wel als hoofdadviseur bij het nemen van zijn beslissing ten aanzien van de goedkeuring van het raadsbesluit zou hebben terzijde gestaan, zal thans ook wel van het hoofd van het staatstoezicht iristructie ontvangen of al dan niet van een besluit van Ged. Staten in beroep zal behooren te worden gegaan, en het lijkt verre van onwaarschijnlijk dat Ged. Staten, alvorens hun besluit betreffende de goedkeuring te nemen van het inzicht van het staatstoezicht op de hoogte zullen zijn en zullen weten welk het lot van hun besluit zal zijn.

Niettemin werd de nieuw voorgestelde regeling thans zonder hoofdelijke stemming aangenomen.

In het bedenkelijke nieuwe art. 55 a, waarin aan de Regeering plein pouvoir wordt verleend zich in vele zaken van plaatselijk belang te mengen en daaromtrent regelen te geven en aldus daarop een ver-gaanden invloed te doen gelden, was bij het wijzigingsontwerp een kleine verzachting aangebracht. Althans over het